40% haalt het niet-veel-maar-toereikendcriterium niet

Facebooktwitterlinkedinmail

adriaanplankenDe actualiteit van het Basisinkomen – week 50 2014 – over De hoogte van het Onvoorwaardelijk Basisinkomen (OBi)

Hoe je het ook wendt of keert, bij veel voorstanders van een Onvoorwaardelijk Basisinkomen is bestrijding van armoede[1] en een betere verdeling van betaalde arbeid de zaak waar alles om draait. Hierom lijkt het voor de hand liggend uit te gaan van een OBi dat hoog genoeg om uit de armoede te blijven. Ook ligt het voor de hand om de hoogte van het OBi te bepalen aan de hand van de kosten voor levensonderhoud voor een alleenstaande. De vier criteria waaraan het OBi volgens ons moet voldoen zijn immers dat, naast dat het voldoende hoog en onvoorwaardelijk is, iedereen het individueel krijgt.

Armoede in Nederland
Over wat armoede is bestaat geen eenstemmigheid. Er wordt vaak beweerd dat er in Nederland geen armoede bestaat, zelfs door onze minister president. Wij kennen namelijk het sociaal minimum: een bedrag dat iedereen minstens nodig heeft om in zijn of haar levensonderhoud te kunnen voorzien. Het is gelijk aan de hoogte van de bijstand. De hoogte daarvan is gekoppeld aan het minimumloon. De hoogte daarvan aan de ontwikkeling van de gemiddelde cao-lonen. Welke “gentlemen’s agreement” daaraan ten grondslag ligt is mij niet bekend. Voor alleenstaanden van 21 jaar en ouder (tot de pensioengerechtigde leeftijd) komt het in ieder geval neer op € 679,75. Met de vakantie- en zorgtoeslag erbij wordt dit € 798,75. Na aftrek van de verschuldigde belasting € 734,00.

Volgens de minimum-voorbeeldbegroting van het NIBUD[2] voor 2014 heeft een alleenstaande echter € 975,00 nodig. Zou je deze persoon ook nog een kleine toelage gunnen voor sociale participatie, dan heeft deze € 1020,00 nodig en blijft deze met een tekort van € 286,00 zitten, als hij op basis van de bijstand slechts over een budget van € 734.00 kan beschikken.

In het “Armoedesignalement 2013”[3] hanteren het CBS en het SCP samen twee maten om te bepalen wat armoede is. De maat die het beste met de minimum-voorbeeldbegroting van het NIBUD te combineren valt is die van het “niet-veel-maar-toereikendcriterium”. Dit komt neer op een netto bedrag van minimaal € 1042,00 per maand. Hiermee zou men op her eerste gezicht mee rond moeten kunnen komen. Een bijstandsuitkeringsgerechtigde krijgt dit bedrag echter niet.

Armoede is het langdurig rond moeten komen met een bedrag dat onvoldoende is om in levensonderhoud te kunnen voorzien (waarbij ook hoort het jezelf kunnen ontplooien d.m.v. sociale contacten in sport, muziek, toneel of welke andere hobby ook). Dit is zoals uit bovenstaande blijkt bij alleenstaanden die van de bijstand moeten leven het geval.

De mensen die buiten de boot vallen oftewel per maand minder op hun bankrekening kunnen bijschrijven dan wat zij volgens het “niet-veel-maar-toereikendcriterium” nodig hebben, ondervinden de volgende problemen:
Bijna 40% van de armen heeft moeite financieel rond te komen. [4]  Een kwart van de arme huishoudens ervaart financiële verplichtingen zoals woonlasten, persoonlijke leningen, een doorlopend krediet of een krediet als zwaar om aan te voldoen. De meerderheid van arme huishoudens ervaart financiële beperkingen, zoals het hebben van onvoldoende geld voor het verzorgen van een warme maaltijd met vlees, kip of vis om de dag. Idem voor het goed verwarmen van het huis, het te eten vragen van familie en/of kennissen, het regelmatig kopen van nieuwe kleren, het jaarlijks een week op vakantie gaan, het doen van onverwachte noodzakelijke uitgaven en/of het vervangen van versleten meubelen (zie figuur 3.12) .

arm-maar-toereikend

De gevolgen hiervan op lange duur laten zich raden: verloedering op alle gebied, het raken in een sociaal isolement , afgunst en criminaliteit. Doorgaan met ons huidige financiële bestel waaronder het zorgen voor sociale zekerheid ook valt, zorgt alleen maar voor toename van bovengenoemde gevolgen van langdurige armoede, want veel mensen leven met dit systeem langdurig met een financieel te kort. Het zorgen voor een basisinkomen kan deze misstanden de wereld uit helpen. Thomas Moore gaf in 1525 al aan dat je criminaliteit het beste met het zorgen voor een goede financiële bedding kunt bestrijden. Laten we er mee beginnen.

Wat heeft iemand nodig om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien?
Wie kunnen dit beter aangeven dan de armoede-ervaringsdeskundigen? Laten we dit dan ook in kaart gaan brengen.

Wat kunnen we verwachten van de invoering van een OBi?
Opheffen van de armoedeval en verminderde regelgeving zijn de enige effecten van het invoeren van een onvoorwaardelijk basisinkomen waar we bij voorbaat al zeker kunnen zijn. Alle andere effecten die we uit bovenstaande en uit de criteria waar zo’n OBi volgens ons aan moet voldoen af kunnen leiden moeten nog maar blijken in de praktijk. Experimenteren dus.

Als zo’n OBi is ingevoerd, zou je doordat het voor iedereen is mogen verwachten dat de stigmatiserende werking door het ontvangen daarvan verdwijnt. Iedereen krijgt het dan immers. Waarom zou je de ander die het ook krijgt nog met de nek aankijken? Voor de mensen die betaald werk hebben zal er niet zo veel veranderen. Ja zij krijgen allemaal een belastingvrije voet ter hoogte van het OBi. De loonkosten worden minder. Doordat het hoog genoeg is mag je verwachten dat iedereen kan voorzien in eigen levensonderhoud en als volwaardig lid aan de samenleving kan deelnemen. Als het hoog genoeg is, een individueel recht én onvoorwaardelijk hoeft niemand meer onder de knoet te zitten van werkgevers, partners en uitkeringsinstanties en wordt iedereen dus bevrijd van dat juk en soeverein met betrekking tot de eigen ontplooiing.

Het zal wel even duren voor zo’n OBi is ingevoerd. Daarna zal het ook nog wel even duren voor alle zegeningen die we ervan kunnen verwachten tot uiting komen. Niets hoeft ons ervan weerhouden het ideaal om “niemand laten verkommeren” uit te dragen en waar te maken. Wat weerhoudt ons er van door middel van een experiment uit te zoeken of dat wat we ervan verwachten inderdaad klopt?

Met hartelijke groet,

Adriaan Planken

Noten

Facebooktwitterlinkedinrssyoutube