Basisinkomen en kapitaaltaks: een droomhuwelijk

Facebooktwitterlinkedinmail

piketyboekNa de blockbuster “Capital in the Twenty-First Century” van Thomas Piketty is vermogensongelijkheid misschien wel actueler dan ooit. En ook in Nederland blijft het maar groeien. Volgens dit factsheet van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR)[1], bezit “De rijkste 10 procent van de bevolking meer dan de helft (61 procent) van het totale vermogen in Nederland. De top 2 procent binnen deze groep heeft zelfs een derde van dat vermogen in handen, terwijl de onderste 60 procent van de Nederlandse bevolking bij elkaar opgeteld 1 procent (afgerond) van het totale vermogen bezit.” Deze ongelijkheid vormt een bedreiging voor meritocratisch Nederland, omdat naarmate het belang van kapitaal ten opzichte van arbeid groeit, afkomst steeds belangrijker wordt ten opzichte van prestatie.

Om ervoor te zorgen dat Nederland een land blijft waar je van een dubbeltje een kwartje kunt worden, moet er op vermogensniveau genivelleerd worden. Een verhoging van onze vermogensbelasting zou gezien tabel 4.1 (pagina 88) uit het daadwerkelijke rapport[2] van de WRR helemaal niet zo vreemd zijn, gezien het feit dat we een half procentpunt onder het OESO-gemiddelde zitten en de vermogensbelasting in Nederland de laatste jaren alleen maar is gedaald. Er zou een van 5% per jaar kunnen worden ingesteld. Prof. van Bavel van de Universiteit Utrecht heeft onlangs berekend dat zichtbaar privaat vermogen in Nederland ongeveer 1200 miljard euro bedraagt. Een dergelijke belasting zou op jaarbasis dus 60 miljard euro opleveren.

Als we daarvan nu iedere stemgerechtigde Nederlander (ongeveer 12,5 miljoen) een Onvoorwaardelijk Basisinkomen van 1000 euro in de maand zouden geven? Op jaarbasis zal dit grofweg 150 miljard euro per jaar gaan kosten. Met een basisinkomen kun je echter wel de volledige sociale zekerheid afschaffen (kosten 2014: 78,6 miljard Euro). Dat betekent dat er nog ongeveer 70 miljard euro overbrugd moet worden. Als we de 60 miljard van de kapitaalbelasting hiervan aftrekken, is er nog 10 miljard aan kosten over.

Dit (en nog veel meer) kan worden betaald door economische groei die voortvloeit uit de kapitaaltaks (in het eerder genoemde factsheet staan vier redenen waarom vermogensongelijkheid tot afname van groei leidt) en meer inkomstenbelasting door afgenomen werkloosheid omdat bijvoorbeeld de minimumlonen afgeschaft kunnen worden en de werkloosheidsval (waarin het voor een uitkeringsgerechtigde financieel nauwelijks loont om aan het werk te gaan) uitgeroeid wordt na invoering van een dergelijk basisinkomen. Verder zijn er nog allerlei andere kostenbesparingen, waarvan er aanwijzingen bestaan dat een basisinkomen ze met zich mee zou brengen. Zo nam in het Canadese stadje Dauphin ziekenhuisbezoek met 8,5% af na invoering van een basisinkomen. Een vergelijkbaar percentage zou in Nederland al zo’n 7 miljard euro besparen.[3]

Na het uiteenzetten van dit plan, krijg ik doorgaans een reactie in een van de volgende drie categorieën: “niemand zal meer gaan werken”, “het zal hyperinflatie veroorzaken” en “al het kapitaal zal ons land uit vloeien”. Graag wil ik op alle drie even kort reageren. Over de eerste kan ik beknopt zijn. Het experiment in Dauphin bevestigt dat men minder ging werken (9% per gezin om precies te zijn), maar niet zo veel minder dat het de economische stabiliteit in gevaar brengt (zie het stuk onder voetnoot 3). Bovendien is een beetje minder werken misschien helemaal zo slecht nog niet.[4] En, zeg nou zelf, zou u uw hele leven voor de tv willen zitten als u 1000 euro per maand basisinkomen kreeg?

Het bezwaar van hyperinflatie onderschrijf ik ook niet. Ja, de omloopsnelheid van het geld zal hoogstwaarschijnlijk toenemen en ja, dit zal inflationaire druk geven. Maar omdat er geen extra geld gedrukt wordt (een monetaire stimulans) of het overheidstekort toeneemt (een fiscale stimulans) om dit basisinkomen te financieren, is hyperinflatie geen reëel risico. Bovendien zit Nederland, net als de rest van de Eurozone, gevaarlijk dicht bij deflatie en des te verder van het inflatiedoel van de Europese Centrale Bank van 2%. Met andere woorden, een beetje inflatie zou helemaal geen kwaad kunnen.

Het laatste bezwaar, de kapitaalvlucht, is misschien wel de belangrijkste. Hoe voorkomen we dat al het kapitaal ons land uitvloeit als gevolg van de kapitaaltaks? Eerst wil ik graag benadrukken, dat het netto effect van die taks maar voor een heel klein deel van de Nederlandse bevolking nadelig is, omdat de betaalde kapitaalbelasting voor bijna iedereen minder is dan het basisinkomen. Twee-ouder gezinnen zouden in dit plan 24.000 euro op jaarbasis als basisinkomen krijgen. Alleen huishoudens met meer dan 480.000 aan kapitaal zouden dus netto op deze maatregel achteruitgaan. Volgens de onderstaande grafiek van het CBS is dat slechts 7% van de Nederlandse huishoudens.

Aangezien de regels voor het betalen van de kapitaalbelasting natuurlijk hetzelfde moeten zijn als de voorwaarden voor het ontvangen van het basisinkomen, verdwijnt voor 93% van de huishoudens de prikkel om te vertrekken al. Voor de overige 7% zou bijvoorbeeld de Nederlandse nationaliteit de verplichting kunnen geven om de kapitaaltaks te betalen. Het afzien van die nationaliteit zal voor veel mensen te ver gaan om van belastingverplichtingen af te komen. Wat betreft het niet aangeven van vermogen aan de Belastingdienst kan ik beknopt zijn. Dat is fraude en dat moet worden bestraft. Dat zal het ook steeds vaker worden, want internationale verdragen dwingen steeds meer belastingparadijzen informatie over gestald geld te delen.[5]

Tot slot de voordelen nog even op een rijtje. Omdat het niet alleen groei bevordert, maar ook met een minimale bureaucratie gerealiseerd kan worden, beloont dit plan werk en prestatie i.p.v. op je lauweren rusten en pakt een het de ongelijkheid tussen generaties (ouderen zullen meer kapitaaltaks betalen en iedereen krijgt het basisinkomen). Verder bestrijden dergelijke maatregelen de groeiende ongelijkheid en daarmee het steeds grotere belang van afkomst, waar talent en hard werk de maatstaven zouden moeten zijn. Nee, het zal niet morgen ingevoerd kunnen worden. En nee, de effecten zullen niet van tevoren precies uit te rekenen zijn. Maar het is wel een stip op de horizon, een werkbare utopie en een visie waar, wat mij betreft, geen olifant voor zit die het zicht belemmert.

 

Groningen, juni 2014

Harro Boven

Student Internationale Betrekkingen en Economie RUG; Lid van jonge democraten en D’66

Bovenstaande artikel is op persoonlijke titel geschreven.

[1] http://www.wrr.nl/actueel/nieuwsbericht/article/hoe-ongelijk-is-nederland/

[2] http://www.wrr.nl/publicaties/publicatie/article/hoe-ongelijk-is-nederland-een-verkenning-van-de-ontwikkeling-en-gevolgen-van-economische-ongelijkhe/

[3] Bregman noemt nog meer voordelen in zijn stuk https://decorrespondent.nl/10/waarom-we-iedereen-gratis-geld-moeten-geven/580673280-49c8eb9e

[4] Zie ook: https://decorrespondent.nl/3/de-oplossing-voor-bijna-alles-minder-werken/115335-ad6c6f0b van Bregman.

[5] http://www.economist.com/news/finance-and-economics/21601880-it-will-soon-be-lot-harder-hide-money-overseas-data-revolution

Facebooktwitterlinkedinrssyoutube