Basisinkomen levert Nederland(ers) veel op

De coronacrisis legt de scheuren in het sociale stelsel bloot en de roep om verandering klinkt steeds luider. Kan het universele basisinkomen, oftewel ‘gratis geld’, een oplossing zijn? Joop Böhm regeert op Loudi Langelaan.

Facebooktwitterlinkedinrssyoutubeinstagram

In OneWorld schreef Ludi Langelaan een boeiend artikel Wat levert het basisinkomen Nederland(ers) op?
Ze stelt duidelijk de gebreken van het huidige stelsel aan de kaak. Haar conclusie luidt:

Het basisinkomen kan dus een aantrekkelijk antwoord zijn op het complexe toeslagenstelsel. Afhankelijk van de hoogte van het basisinkomen kan een deel of het hele stelsel namelijk worden afgeschaft. Het stelsel wordt eenvoudiger, mensen weten beter waar ze aan toe zijn en het controle- en administratieve apparaat kan (deels) worden afgetuigd. Mensen krijgen immers onvoorwaardelijk geld op hun rekening gestort. Met een basisinkomen verdwijnt ook de armoedeval en zal werken altijd lonen: wat je verdient komt boven op het basisbedrag dat je al ontvangt.

De arm van een fan van basisinkomen

En een slachtoffer van het huidige stelsel, tevens fan van het basisinkomen, citerend:

“Een basisinkomen geeft vertrouwen en rust, waardoor je juist eerder werk vindt. Of je werkt of niet heb je niet altijd in eigen hand.”

Loudi Langelaan laat meerdere voorstanders aan het woord, maar behandelt ook wat kritiekpunten.

Wat zijn de argumenten die tegenstanders er tegenin brengen

Bas Jacobs
Een fervente tegenstander, econoom Bas Jacobs, betoogt dat er een hoge belastingdruk voor nodig is. Bovendien drukt het afnemende aantal werkuren op de totale welvaart zodat economische schade ontstaat, aldus de topeconoom.

Ik denk dat Jacobs dat te somber inziet. Met een topbelasting van 30% op inkomsten boven modaal in combinatie met een vlaktaks inkomstenbelasting van 40% blijft de totale belasting, ook voor rijkaards, nog beneden de 70%. Er wordt dan gewoon belasting geheven naar draagkracht.
Het afnemende aantal werkuren mag wellicht de welvaart wat drukken; de toename van de koopkracht als gevolg van basisinkomen zal dat ruimschoots compenseren!

Topbelasting 30% op inkomsten boven modaal
Er is altijd een aantal doemdenkers die betoogt dat basisinkomen onbetaalbaar is.
Het NIBUD kwam bij haar berekening van Basisinkomen 2.0 met 600 euro per persoon plus 600 per gezin en 300 per kind (vanaf het 3e kind 100 euro) ‘nog niet in de buurt van 171 miljard’.

Maar het NIBUD heeft de topbelasting (30% op inkomsten boven modaal) die ik steevast voorstel niet meegenomen in haar berekening. Die topbelasting is bedoeld om mensen die al over voldoende geld beschikken te laten meebetalen aan het UBI. Een soort solidariteitsheffing dus die zorgt voor meer gelijkheid.
Kate Pickett en Richard Wilkinson hameren er al vele jaren op dat het terugdringen van inkomensverschillen van cruciaal belang is. Zie: Greater equality: our guide through Covid-19 to sustainable wellbeing – Kate Pickett and Richard Wilkinson (socialeurope.eu)

‘Onbetaalbaar’ zegt u? Toon dat dan aan!
De overheid moet niet domweg beweren dat het onbetaalbaar is maar dat met cijfers aantonen. Zij kan planbureaus het laten berekenen. Voorstanders van basisinkomen hebben die mogelijkheid niet en moeten het doen met de natte vinger!

Ingrid Robeyns
Econoom en filosoof Ingrid Robeyns bakt ze helemáál bruin. Ze stelt dat werk in de (mantel)zorg en in het gezin in de praktijk op de schouders van vrouwen terecht komen en dat het ‘de algemene verwachting’ is dat vrouwen met de zekerheid van een basisinkomen minder betaald werk zullen  verrichten en meer tijd zullen nemen voor onbetaalde zorgtaken. Ze vraagt zich af of we dat moeten willen, want zo zetten we de vrouwenemancipatie drie stappen terug in de tijd (sic!).

Mijn mening is dat het dan juist in het belang van vrouwen is dat een basisink0men ervoor zorgt dat ook mensen zonder betaald werk voldoende inkomsten hebben voor een onbekommerd bestaan. Het geeft ze sociale zekerheid.[i]

CPB en de vlaktaks

Loudi Langelaan wijst erop dat het Centraal Planbureau (CPB) meldt dat een basisinkomen in combinatie met een vlaktaks ongelijkheid zal doen toenemen.

Samen met de door mij voorgestelde topbelasting echter vormt het een progressieve belasting die ongelijkheid aanzienlijk zal doen verminderen. Daarmee wordt de door het neoliberale beleid vergrote ongelijkheid daadwerkelijk verkleind.

Kansrijk armoedebeleid
Het Centraal Planbureau heeft overigens samen met het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) in juni 2020 het rapport “Kansrijk armoedebeleid” gerealiseerd. Het basisinkomen is daarbij ook onderzocht. De negatieve Inkomstenbelasting (NIB) wordt er zelfs in genoemd. Maar in plaats van daarbij uit te gaan van een ‘generieke verzilverbare heffingskorting’ wordt alleen ‘de simpelste variant van een negatieve inkomstenbelasting’ geanalyseerd: verzilverbare inkomensafhankelijke kortingen in box 1, dus een gerichte vorm van inkomensondersteuning (zie pag.135). Ja, daar schieten we wat mee op! ☹

Tenslotte

Het artikel van Loudi Langelaan vind ik uitstekend. Het geeft duidelijk de problemen weer van het huidige ongeciviliseerde sociale zekerheidsstelsel en biedt de lezer de gelegenheid zich zelf een mening over basisinkomen te vormen. In elk geval kan het een aanzet zijn tot – wellicht hoogoplopende – discussies.

Amersfoort, december 2020, Joop Böhm.

[i] Zie voor een genuanceerd betoog over basisinkomen en emancipatie het artikel van Barbara Garbarczyk, vertaald door Florie Barnhoorn: Een feministische reflectie op het basisinkomen.