01. Bezwaren basisinkomen: Waarden en mensbeeld

Facebooktwitterlinkedinmail

Wederkerigheid is noodzakelijk voor de legitimiteit van de sociale staat, dus een onvoorwaardelijk basisinkomen is niet solidair.
Arbeid adelt, basisinkomen maakt mensen lui.
Veel mensen zullen niet goed met de vrijheid van een basisinkomen kunnen omgaan.
Het basisinkomen verlaagt de arbeidsparticipatie van vrouwen.
Talenten blijven onbenut

In het kader van het project basisinkomen van het NPI werk ik aan een verzameling bezwaren tegen het basisinkomen. Ik heb er circa 50 verzameld en gerubriceerd in 11 thema’s, zie  Bezwaren en weerstanden tegen het basisinkomen en de invoering daarvan.

Iedereen wordt van harte uitgenodigd deze bezwaren aan te vullen, ook de toelichting daarbij en uiteraard de weerlegging of relativering.

Het thema Waarden en mensbeeld is inmiddels voorlopig af. De overige thema’s volgen in een rustig tempo.
Zie hieronder voor de tekst onder dit thema. Voor bijstellingen in de toekomst zie de tekst op de NPI-site.

Waarden en mensbeeld

Korte melding van de bezwaren:

 

Uitwerking

Wederkerigheid

Toelichting
Wederkerigheid (reciprociteit) is noodzakelijk voor de legitimiteit van de sociale staat en haar morele ondersteuning.
Voor wat hoort wat; aan armoedehulp moet de voorwaarde zitten dat je je best doet uit de armoede te komen.
Wanneer ze dat kunnen, horen mensen zelf voor hun basisbehoeften te zorgen (wat meestal neerkomt op betaald werken). Er is geen recht op inkomen; dat is een positief recht (vereist inbreng van anderen), en zulke rechten zijn onrechtvaardig.
Veel mensen zullen niet accepteren dat zij moeten werken voor het basisinkomen van anderen, terwijl die anderen gewoon thuis mogen blijven (geen maatschappelijk draagvlak/solidariteit wordt ondermijnd/ het principe van reciprociteit is voor veel mensen belangrijk als het op solidariteit aankomt (onderzoek Paul de Beer))
Deze opvatting leeft heel sterk, in meerder politieke en maatschappelijke stromingen.

Weerlegging 1
Ter relativering kan opgemerkt worden dat dat in praktijk deze opvatting alleen relevant is voor gezonde volwassenen tot de pensioengerechtigde leeftijd.
De eis van wederkerigheid wordt niet gesteld aan kinderen, zieken en ouderen. Ook mensen met voldoende vermogen kunnen zich daardoor aan de eis van wederkerigheid onttrekken!

Kris Hardies schreef in 2014 een stevig en doorwrocht  ethisch verhaal over dit onderwerp (Een ethische beschouwing over het basisinkomen).
Hij start met de constatering:
Pleidooien voor de invoering van het basisinkomen ondervinden veel weerstand in een maatschappij waarin  de productieve deugd en het travaillisme overheersen.
Vervolgens pakt hij een aantal redeneringen van voorstaanders van het basisinkomen aan en haalt deze grondig onderuit, omdat onrechtvaardigheid onvermijdbaar het resultaat is van de redeneringen.Er blijft uiteindelijk één redenering overeind:
Uitgaande van een moreel recht op een gelijk aandeel in de hulpbronnen die ons op dit moment ‘om niet’ zijn gegeven, is de invoering van een onvoorwaardelijk basisinkomen rechtvaardigbaar.

Meer recent is er een betoog van Philippe van Parijs in een interview door Rutger Bregman (Deze filosoof weerlegt het belangrijkste argument tegen het basisinkomen). Een citaat:
‘Het begint weer met een simpele vraag. ‘Welk deel van ons inkomen danken wij aan onze eigen verdienste?’ Als ik heel gul ben, dan zou ik zeggen: 10 procent. En de rest danken we aan de gunstige context waarin we leven. Aan de technologieën die al zijn uitgevonden, de instituties die al zijn gesticht, de taal die we spreken, de familie waarin we zijn geboren, de giften van Moeder Natuur, noem maar op.’
‘Hieruit vloeit een veel fundamentelere rechtvaardiging van het basisinkomen voort. Het is geen gunst en het is ook geen solidariteit. Nee, het is een eerlijke verdeling van wat we al van eerdere generaties gekregen hebben.’

Weerlegging 2 (diagnostiserend)
Wederkerigheid veronderstelt verbinding. Het veronderstelt eenheid. Het één beïnvloed het ander. Wederkerigheid veronderstelt samenwerking. Onvoorwaardelijk iets ontvangen is uit den boze begrijp ik uit je woorden.
Inkomen gaat over levensonderhoud. Levensonderhoud komt, voor zo ver ik het kan overzien, van onze aarde. Onvoorwaardelijk levensonderhoud is uit den boze vanwege die wederkerigheid. Welke tegenprestatie heb jij dan voor ogen die jij, ik en de anderen (gaan) leveren aan de aarde voor ons dagelijks levensonderhoud waaronder de lucht die we nu ademen?

Basisinkomen maakt lui

Toelichting

Arbeid adelt, basisinkomen maakt mensen lui.
Het basisinkomen stimuleert/beloont mensen om niet te werken, en dat is niet goed.
Werkeloosheid trekt mensen dieper de armoede in: mensen moeten uit die werkeloosheid getrokken worden wanneer dat kan.
Deze opvatting is heel beeldend verwoord in een blog van Erika Verdegaal Gratis geld werkt niet:
Maar niet elk mens is een vlijtige mier. Velen lijken meer op een rivierkrokodil. Dit reptiel kan maandenlang lui wachten op de regentijd. Zodra de rivier weer stroomt, opent hij zijn bek. Dan springt de verse vis er vanzelf en gratis in.

Weerlegging  :

De opvatting dat (andere) mensen lui worden van basisinkomen is algemeen verbreid. En inderdaad, vaak geldt het niet voor de spreker zelf, maar voor anderen…
Die een hardnekkig vooroordeel wat tot nu toe op nog geen enkele manier bevestigd is door experimenten of onderzoek.
Alle tot nu toe bekende experimenten indiceren dat mensen meer gaan ondernemen . Niet altijd in de vorm van een betaalde baan, soms ook door zorgtaken op zich te nemen, een klein bedrijfje te starten of een opleiding te gaan vormen.
Er valt wel wat af te dingen op de relevantie van deze uitkomsten voor de invoering van een basisinkomen over de hele linie in onze maatschappij, maar opvallend is en blijft dat er geen bevestiging is voor het beeld van toenemende luiheid.

Ook een exploratief onderzoek van de Stichting Mies (met uiteraard ook een beperkte representativiteit) Wat zou je doen wanneer je morgen een basisinkomen krijgt? geeft geen enkel steun aan de hypothese van de stijgende luiheid.

 

Basisinkomen geeft te veel vrijheid, mensen kunnen dat niet aan

Toelichting
Veel mensen zullen niet goed met de vrijheid van een basisinkomen kunnen omgaan. Ze hebben een zekere mate van dwang nodig om te gaan werken, maar niet omdat ze niet gelukkig zullen worden van werk. Integendeel: ze zullen zich werkend uiteindelijk beter voelen, en meer kunnen betekenen voor de rest van de maatschappij.
Mensen die enkel van een basisinkomen leven zijn niet in staat zijn te kiezen voor een gezond en/of verantwoord leven (denk bijv. aan het kiezen van biologische/vegetarische producten)
Een basisinkomen tast de prikkel aan om via bijv. scholing menselijk kapitaal op te bouwen, voornamelijk in de jongere generaties: jongeren zullen vaker kiezen voor kleine aanvullende (zwarte) baantjes op hun basisinkomen en zo van hun relatief hoge levensstandaard en vele vrije tijd genieten (aangezien jongeren niet zo veel geld nodig hebben), in plaats van door te studeren.
Veel mensen worden ongelukkiger: de noodzakelijkheid van werk geeft in de huidige maatschappij voor veel mensen betekenis aan het leven
Een grote groep mensen die enkel van een basisinkomen zou leven wordt ongelukkig: deze mensen krijgen té veel vrijheid van keuze krijgen, wat zou resulteren in een gevoel van doelloosheid en/of verveling.
Het basisinkomen zorgt voor meer criminaliteit, omdat mensen de tijd hebben criminele activiteiten te ondernemen en dit uit verveling zullen willen doen.
Mensen die enkel van een basisinkomen leven zullen uit verveling en tijd eerder aan de drugs (incl. alcohol) geraken (werkeloosheid (stilzitten) lijdt in het algemeen tot dit soort problemen).

Weerlegging 
Het is waarschijnlijk waar dat, zeker voor de thans levende generaties, betaald werk een belangrijke levensvulling is.
Toch vindt er ook enorm veel onbetaald werk plaats, soms uit noodzaak (zoals veel vormen van mantelzorg), vaak  als vrijwilligerswerk in de ware zin van het woord.
De in de toelichting geschetste gevolgen geven blijk van een weinig positief mensbeeld.
Voorstanders van basisinkomen zijn daar niet zo somber over. Uiteraard zal na invoering van basisinkomen aandacht nodig zijn voor degenen die moeite hebben een zinvolle levensvervulling te kiezen, maar dat kan geen argument zijn om dan maar het bestaande systeem met deels zinloos werk en veel controles en sancties in stand te houden.

 

Slecht voor arbeidsparticipatie van vrouwen

Toelichting
Het basisinkomen verlaagt de arbeidsparticipatie van vrouwen (o.a. omdat zij thuis zullen blijven om voor de kinderen te zorgen)

Weerlegging
Je kunt je bij dit bezwaar twee tegenvragen voorstellen, namelijk in hoeverre dat waar is en in hoeverre dat  erg is.

O.a. het CPB poneert dat een afname van de arbeidsinzet in de orde van 5 % te verwachten is bij vrouwen met jonge kinderen. Gemakshalve wordt dat dan vaak gelijk gesteld aan vermindering van de werkgelegenheid, als vraag en aanbod identiek zijn! Misschien is dit wel een heel goede ontwikkeling als de robotisering, zoals velen verwachten, tot vermindering van de vraag naar betaalde arbeid zal leiden.
En het is ook maar de vraag of de econometrische berekeningen waaruit dit volgt, geldig zijn bij een zo drastische verandering als de invoering van basisinkomen.

De vraag hoe erg het is als jonge moeders meer dan nu hun kinderen verzorgen, is sterk ideologisch beladen. Een breed gedragen antwoord is waarschijnlijk niet mogelijk!
Wel is evident dat met een basisinkomen het voor jonge vaders ook gemakkelijker worrt een deel van de zorg op zich te nemen.

 

Talenten blijven onbenut

Toelichting
Dit bezwaar is eind 2016 uitgesproken door het CDA in reactie op de vraag hoe zij tegenover hebt basisinkomen staan.

Weerlegging
Waarom zouden talenten alleen maar onbenut worden als men uit levensnoodzaak voor betaalde arbeid moet kiezen?
De kans is zeer groot dat door de bestaanszekereid die een basisinkomen biedt, mensen sneller geneigd zij, all dan niet tegen betaling, te kiezen voor activiteiten die bij hun talenten passen.

 

Reyer Brons, 5 maart 2017

Facebooktwitterlinkedinmail