In vervolg op de eerdere artikelen volgt nu het overzicht van de financiering van de tweede tussenstap: het burgerinkomen.
De bruto-kosten van deze tussenstap zijn als volgt:
Betreft | Voor | Bedrag per | Aantal in | Totaal |
maand in € | miljoenen | in € miljard | ||
burgerinkomen | alle volwassenen | 1.100 | 14,5 | 191,4 |
ouderentoeslag | volwassenen vanaf AOW | 200 | 3,6 | 8,6 |
compensatiefonds | zie toelichting | 5,0 | ||
verhoogde kinderbijslag | kinderen tot 18 jaar | 250 | 3,3 | 9,9 |
Totale bruto kosten | 214,9 |
Toelichting:
Voor de aantallen personen verwijzen we naar de in het begin van het artikel Financiering burgerbijslag en woontoeslag genoemde bronnen.
De ouderentoeslag en het compensatiefonds zijn eerder toegelicht in het artikel Een burgerinkomen als bescheiden basisinkomen.
Voor de financiering van het burgerinkomen geven we een globale indicatie in onderstaande tabel.
Evenals bij de burgerbijdrage zijn sommige bedragen zijn geschat, alle bedragen zijn momentopnamen. Het totaal onderaan is ook hier iets hoger dan de bruto-kosten, waardoor er enige ruimte is voor aanpassingen en correcties.
Betreft | Bedragen in miljarden € | ||||||
uitgaven | besparing | ||||||
algemene heffingskorting | 25,8 | 10,8 | |||||
arbeidskorting | 31,8 | 30,8 | |||||
combinatiekorting | 1,9 | 1,9 | |||||
ouderenkorting | 5,4 | 2,7 | |||||
totaal heffingskortingen | 64,9 | 43,5 | |||||
kinderopvang | 4,3 | n.v.t. | |||||
tegemoetkoming ouders | 7,7 | 7,7 | |||||
woningmarkt | 4,6 | 4,6 | |||||
zorgtoeslag | 6,0 | 6,0 | |||||
totaal toeslagen | 22,6 | 18,3 | |||||
oudedagsvoorziening | 48,2 | 48,2 | |||||
arbeidsongeschiktheid | 13,2 | 13,2 | |||||
bijstand etc. | 6,9 | 6,9 | |||||
ziekte en verlof | 4,8 | 4,8 | |||||
jonggehandicapten | 3,8 | 3,8 | |||||
werkloosheid | 3,6 | 3,6 | |||||
uitkeringen totaal | 80,5 | 80,5 | |||||
hypotheekrenteaftrek | 9,3 | 9,3 | |||||
studiefinanciering | 5,5 | 5,5 | |||||
uitvoeringskosten | 8,0 | 5,0 | |||||
diverse kleine posten | 22,8 | 19,8 | |||||
aanpassing IB | 35,0 | ||||||
vermogen en bedrijven | 20,0 | ||||||
totaal extra belastingen | 55,0 | ||||||
TOTAAL besparingen en extra belastingen | 217,1 |
Toelichting bij de tabel:
Voor de huidige uitgaven zie de in het artikel Financiering burgerbijslag en woontoeslag genoemde bronnen.
De heffingskortingen vervallen in deze benadering, maar deze vervallen deels al doordat de heffingskortingen op de uitkeringen (inclusief de AOW) zijn geschrapt.
Om dubbeltelling te voorkomen verlagen we mogelijke bezuinigingen met € 15 miljard voor de algemene heffingskorting, € 1 miljard voor de arbeidskorting en € 2,7 miljard voor de ouderenkorting.
Bij de uitkeringen vervallen geheel, ook de WW.
Deze zou deels in tact kunnen blijven. Of dit echt nodig of wenslijk is, is overigens apart te bezien. Kan per CAO al dan niet geregeld worden door werknemers en vakbonden. In bovenstaande tabel rekenen we daar niet mee.
Opgevoerd is een schatting van € 8 miljard voor de totale uitvoeringskosten van instanties als UWV, SVB, Belastingdienst, Dienst Toeslagen en gemeentelijk instanties.In deze tussenstap is op termijn een forse besparing van € 5 miljard denkbaar, vooral bij UWV, Belastingdienst, Dienst Toeslagen en de gemeentes. We moeten ons daarbij wel realiseren dat het om groet aantallen medewerkers gaat met een stevige rechtspositie. Als omscholen naar ander werk niet snel kan, blijven de kosten vooralsnog overeind.
De € 35 miljard voor de aanpassing van de inkomstenbelasting (IB) is een te bereiken bedrag. We schatten in dat dat haalbaar is met enkele belastingschijven van 40 % of 45 %, 50 % en een toptarief van 60 %.[1] Zie onze eerder teksten over dit onderwerp in het artikel De financiering van de tussenstappen naar basisinkomen in grote lijnen.
Bij de precieze uitwerking moet ook goed gelet worden op de koopkrachteffecten voor verschillende inkomensklassen.
Ook de extra inkomsten door vermogen en bedrijven meer te belasten van € 20 miljard is een doel. Zie ook artikel De financiering van de tussenstappen naar basisinkomen in grote lijnen.
Alexander de Roo
Reyer Brons
maart 2023
De nota Twee tussenstappen naar volledig basisinkomen: een burgerbijslag en een burgerinkomen (16 blz. PDF) is in te zien en te downloaden.
Bovenstaande tekst is gebaseerd op het het begin van het vierde hoofdstuk van de nota.
Het voorwoord is eerder geplaatst, evenals het inleidende hoofdstuk 1, hoofdstuk 2 over de burgerbijslag, hoofdstuk 3 over het burgerinkomen en de hoofdlijnen van de financiering (punt 4.1).
Een reactie op deze nota (correcties, verbeteringen, andere suggesties, andere zienswijzen zijn welkom bij de auteurs.
Als er reacties komen die daartoe aanleiding geven, wordt een verbeterde versie van deze nota gemaakt.
[1] Dit betreft de schijven voor volwassenen tot de AOW-leeftijd.
Voor degenen met AOW is vermoedelijk een specifiek schijven stelsel nodig, evenals dat nu het geval is.
Het zou best kunnen dat dit vrij lastig is en dat een extra tussenstap wenselijk is door eerst het burgerinkomen alleen te realiseren voor volwassenen tot de AOW-leeftijd. Dat voorkomt ook interferentie met de al lang stagnerende discussie over de herziening van het pensioenstelsel.