FNV Startconferentie Basisinkomen

Verslag van de startbijeenkomst van de FNV over het basisinkomen op 14 december 2018 in de Burcht in Amsterdam. De eerste stappen op weg naar een gedegen standpunt zijn gezet!

Startconferentie
Facebooktwitterlinkedinmail

Startconferentie

De FNV heeft de eerste stappen gezet op de weg naar een gefundeerd standpunt over het basisinkomen in 2020. Op 14 december 2018 werd een startbijeenkomst georganiseerd in de Burcht in Amsterdam. Paul de Beer en Wieteke Conen presenteerden de resultaten van hun onderzoek naar ontwikkelingen in de werkgelegenheid. Het complete onderzoek is hier te vinden. De vice-voorzitter van de FNV, Kitty Jong, hield een speech waarin zij de veranderingen op de arbeidsmarkt benoemde en daarbij de vraag opwierp of het basisinkomen kan bijdragen aan de realisering van de doelstellingen van het FNV. Het doel van de komende consultaties is het ontwikkelen van een visie op de arbeidsmarkt van de toekomst en onderzoeken welke rol het basisinkomen daarbij kan spelen. Naast (ervarings)deskundigen was ook Alexander de Roo, voorzitter van de Vereniging Basisinkomen, één van de sprekers tijdens deze goed bezochte conferentie.

Hieronder een uitgebreid verslag gevolgd door de volledige tekst van de speech van Kitty Jong.
Zie ook een bericht van de FNV op hun website: FNV start discussie over basisinkomen (januari 2019).

Verslag FNV-startconferentie Basisinkomen de Burcht Amsterdam 14 december 2018

Peiling aan het begin van de bijeenkomst door dagvoorzitter Frénk van der Linden.

Zijn de aanwezigen vóór of tegen de volgende stelling:

Mensen moeten in principe hun inkomen verdienen door te werken. Met uitzondering van mensen die niet kunnen of mogen werken (kinderen, gepensioneerden, zieken, arbeidsongeschikten).

De meerderheid is het niet eens met de stelling. Voorstanders noemen het in Nederland een belangrijk principe dat mensen werken en dat er producten en diensten geleverd worden. Het bbp moet op peil blijven, anders kan een basisinkomen niet gefinancierd worden. Eén van de tegenstanders geeft aan dat binnen de FNV een grote groep het ‘normaal’ vindt dat je voor je inkomen werkt. Gelukkig is er ook een groep die ziet dat mensen zonder betaald werk ook nuttige dingen doen. Ook wordt opgemerkt dat het FNV-bestuur niet eensgezind is over het basisinkomen.

Eén van de leden van de sector Uitkeringsgerechtigden (UG) vindt dat de FNV zich vooral sterk maakt voor werkenden en te weinig oog heeft voor de belangen van leden met een uitkering. Geconstateerd wordt dat werk steeds onzekerder wordt en het stelsel van sociale zekerheid is uitgekleed, waardoor ook werkenden belang hebben bij een basisinkomen. Een vertegenwoordiger vanuit de groep zelfstandigen pleit voor een eerlijker verdeling van inkomen en kapitaal. De FNV moet wat doen aan de scheve verdeling en pleiten voor één vorm van uitkering voor iedereen, ook voor zelfstandigen.

Speech door Kitty Jong (voor de gehele tekst zie hieronder)

StartconferentieKitty Jong (vice-voorzitter FNV) reageert na haar speech op de vraag wat zij het meest ingewikkeld vindt. Ze is bang dat het onderwerp basisinkomen de verkeerde framing krijgt. Hoe zorg je ervoor dat mensen het juiste beeld krijgen als de FNV zegt dat ze bezig is met het onderwerp? Duidelijk moet zijn dat we niet van het stelsel van sociale zekerheid af willen. Het congres heeft besloten dat de FNV het basisinkomen gaat onderzoeken, we hebben nog een weg te gaan tot we uiteindelijk een gedegen en gedragen FNV-standpunt hebben. Zij gaat zich daarvoor inzetten en vindt het belangrijk dat de FNV goed uitlegt wat zij bedoelt.

 

Presentatie van het onderzoek ‘Een halve eeuw arbeidsmarkt’ door Wieteke Conen (zie bijgevoegde sheets)

De ontwikkeling van de Nederlandse arbeidsmarkt sinds 1969 onder invloed van technologie, economie en beleid; Onderzoek in opdracht van de FNV ten behoeve van de discussie over het basisinkomen.

StartconferentieWieteke Conen is onderzoeker bij het AIAS-instituut van de UvA en doet onderzoek naar de waarde van werk. Na de presentatie wordt Wieteke gevraagd welke vragen nog niet beantwoord zijn nu het onderzoek klaar is. Zij geeft aan dat het interessant is om nader onderzoek te doen naar de samenhang van technologie en de werkgelegenheid. De aanwezigen vinden het opvallend dat flexibele banen vaak goed betaald worden, terwijl de FNV de nadruk legt op het laagbetaalde flexwerk. De groei van werk dat flexibel en laagbetaald wordt is veel kleiner dan de groei van flexibel en goedbetaald werk. Hierbij wordt de kanttekening gemaakt dat zzp-ers niet zijn opgenomen in de cijfers. Wellicht is het beeld anders als cijfers over zzp-ers en hun inkomen worden toegevoegd. Hier is de volledige presentatie van Wieteke Conen te vinden (pdf).

Debat onder leiding van Frénk van de Linden met de aanwezigen en deskundigen in drie blokken.

BLOK 1 basisinkomen en de verdeling van inkomen en kapitaal

Deskundigen: Ralf Embrechts en Frans Kerver

StartconferentieFrans Kerver is de enige Nederlander die een jaar lang een basisinkomen van 1000 euro per maand heeft gehad. Hij deelt zijn ervaringen. Het basisinkomen gaf hem rust, hij kon er een groot deel van zijn vaste lasten ermee betalen. Nu hij geen basisinkomen meer heeft is het twee keer zo hard buffelen. Hij vindt het voordeel van een basisinkomen dat werk altijd loont, wat je verdient naast het basisinkomen wordt niet verrekend. Daarnaast geeft het een bodem, dat betekent inkomenszekerheid en vrijheid.

 

Ralf Embrechts is directeur van MOM Tilburg (Maatschappelijke Ontwikkelings Maatschappij) en ambassadeur bij de Stichting Quiet 500. StartconferentieHij vertelt dat hij betrokken is bij een vertrouwensexperiment met de bijstand in vier gemeenten. Hij ziet in de praktijk dat het hebben van een uitkering, met alle verplichtingen en regels veel stress geeft, het verlamt mensen en is slecht voor de gezondheid. Hij verwacht dat een basisinkomen leidt tot minder doktersbezoek, want een basisinkomen dat niemand kan afpakken betekent voor mensen minder stress. Ook vindt hij dat de huidige uitkeringen te laag zijn. Het Nibud heeft berekend dat uitkeringen met 200 euro omhoog moeten om in de kosten van levensonderhoud te kunnen voorzien.

Vraag: Leidt een basisinkomen voor iedereen (werkenden en niet-werkenden) tot een eerlijker verdeling van inkomen (nivellering)?

Frans denk dat een basisinkomen niet leidt tot herverdeling, het geeft vrijheid, hoeveel uren mensen gaan werken is aan henzelf, de inkomensverschillen blijven. Ralf verwacht wel dat mensen die nu veel werken minder gaan werken, dat levert weer werk op voor iemand die nu geen werk heeft, waardoor je een eerlijker verdeling krijgt. De aanwezigen denken dat het basisinkomen op zich niet tot een eerlijker verdeling leidt, dat hangt af van de financiering en van de keuzes die mensen maken.

Vraag: wie moet een basisinkomen betalen? Werkenden, kapitaalbezitters, ondernemers, consumenten, de overheid?

Ralf denkt dat besparingen op de zorgkosten voor een belangrijk deel kunnen bijdragen aan de kosten van basisinkomen. Daarnaast moeten de sterkste schouders uit solidariteit een bijdrage leveren. Hij pleit voor hogere inkomensbelasting.

Andere ideeën voor financiering:

  • Dividend van beleggingen in aandelen van grote bedrijven via een investeringsfonds.
  • Koppeling basisinkomen aan bbp, hoe meer Nederland produceert, hoe hoger het basisinkomen, de overheid verdeelt de welvaart op een eerlijke manier.
  • Belasting op productie, ook voor kapitaalintensieve sectoren.
  • Besparingseffecten van basisinkomen op sociale zekerheid.
  • Afdracht door werkgevers.

 

Vraag: Hoe hoog zou een basisinkomen moeten zijn om als individu sober van te kunnen leven?

De meeste mensen vinden dat 1000 euro per maand voor een individu voldoende zou moeten zijn. Ralf vindt het basisinkomen een goed instrument om armoede tegen te gaan.

BLOK 2 basisinkomen en werk

Deskundigen: Wieteke Conen, Martha Meerman, Alexander de Roo

Startconferentie

Alexander de Roo (voorzitter van de vereniging basisinkomen) is bezig met de provincie Gelderland om een proef te doen met het basisinkomen. Het zou gaan om 1000 mensen, die twee jaar lang 500 euro per maand krijgen, zonder voorwaarden.

 

Martha Meerman is sociaal en organisatie psycholoog.Startconferentie Ze is lector gedifferentieerd HRM bij de Hogeschool van Amsterdam en werkt tevens bij het Amsterdams instituut voor Arbeidsvraagstukken van de Universiteit van Amsterdam. Ze is als onderzoeker betrokken bij een experiment van de gemeente Amsterdam met de bijstand. Ze ziet dat het veel mensen niet lukt om uit de bijstand te komen. Ze vinden onbetaald werk doen in de wijk en mantelzorg verlenen nuttiger. Ze krijgen van werkgevers alleen slecht betaalde, onaantrekkelijke, kleine baantjes aangeboden.

Vraag: Wat zou u doen als u vanaf 2019 maandelijks een basisinkomen zou krijgen ter hoogte van de AOW?

Wieteke antwoordt dat ze niet minder zou gaan werken, ze vindt haar werk erg leuk. Wel zou ze meer geld hebben, hoewel dat natuurlijk afhankelijk is van de financiering en de gevolgen voor de inkomstenbelasting. Alexander verwacht dat mensen minder gaan werken, meer zorgen en meer
onderwijs gaan volgen.

Anderen verwachten wel effecten voor de arbeidsmarkt. Er zijn een miljoen werkende armen; met een basisinkomen kunnen zij ervoor kiezen om minder te werken of een opleiding te doen, waarmee ze een andere, beter betaalde baan kunnen krijgen.
Opgemerkt wordt dat vrijwilligerswerk ook werk is, dat moet de FNV meenemen als ze verder gaat onderzoeken. Een onderzoeker van de VU vertelt dat hij onderzoek doet naar vrijwilligerswerk. Als mensen een 32-urige werkweek hebben naast hun basisinkomen kunnen ze meer vrijwilligerswerk en mantelzorg doen. Het blijkt dat mensen daar gezonder en gelukkiger van worden.

Alexander voegt toe dat er 5 tot 6 miljoen mensen een laag tot modaal inkomen hebben, zij zitten in de zogenaamde armoedeval. Juist deze groep heeft baat bij een basisinkomen. Martha ervaart dat veel mensen met een uitkering graag willen werken, ze willen liever een basisbaan dan een basisinkomen.

Aangevuld wordt dat veel mensen niet weten wie er in de bijstand zitten en wat ze allemaal doen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de uitspraak van Hans de Boer, die bijstandsgerechtigden ‘labbekakken’ noemde. De keuze voor een basisinkomen is een keuze voor solidariteit in plaats van ieder voor zich.

BLOK 3 Basisinkomen en de FNV

Vraag: Verzwakt een basisinkomen de positie van de FNV in de onderhandelingen met werkgevers over hogere lonen?

De meningen verschillen. Sommigen zeggen dat de positie van de FNV zwakker wordt, omdat de noodzaak om met werk een goed inkomen te verdienen afneemt, mensen accepteren een lager loon. Anderen vinden juist dat de positie van de FNV sterker wordt, mensen kunnen makkelijker staken, want ze zijn minder afhankelijk van het loon dat ze met werken verdienen. Ook wordt geopperd dat de FNV andere eisen gaat stellen, bv een ontwikkelbudget in plaats van een looneis. Iemand uit de zzp-groep geeft aan dat het basisinkomen zzp-ers helpt, het biedt inkomenszekerheid, nu geldt er voor hen geen minimum loon.

Kitty geeft aan dat het niet gaat om het instituut FNV dat moet blijven bestaan. Ze is ervan overtuigd dat de behoefte van werkenden en werkzoekenden om zich te organiseren blijft, ook als er een basisinkomen is. Bovendien moet in een menswaardige maatschappij arbeid en kapitaal eerlijk verdeeld worden, werknemers moeten hun deel van de productie opeisen. Zonder vakbond wordt het aandeel arbeid in het bbp nog kleiner.

Eén van de aanwezigen vindt het de taak van de FNV om in te zetten op het basisinkomen, omdat veel mensen niet kunnen leven van het inkomen uit werk. Ook wordt gezegd dat het goed is als de FNV met vernieuwde, positieve ideeën komt voor de toekomst, om tegenwicht te bieden aan het conservatieve imago.

Peiling aan het eind van de bijeenkomst door Frénk van der Linden. Zijn de aanwezigen vóór of tegen deze stelling:

Mensen moeten in principe hun inkomen verdienen door te werken. Met uitzondering van mensen die niet kunnen of mogen werken (kinderen, gepensioneerden, zieken, arbeidsongeschikten).

Wie is van mening verandert? Wie heeft nieuwe ideeën of inzichten opgedaan? Iemand merkt op dat hij veel over vrijwilligerswerk heeft gehoord. Hij komt tot de conclusie dat iedereen die dat kan moet werken, maar het hoeft niet allemaal betaald werk te zijn. Iemand anders vult aan: iedereen die dat kan moet werken, maar niet iedereen moet hetzelfde of even veel werken.

Terugblik op het debat door Kitty Jong

Kitty geeft aan dat de middag een mooie aftrap is voor het debat over basisinkomen bij de FNV. Het onderzoek dat gepresenteerd is geeft geen antwoord op de vraag of we wel of niet voor een basisinkomen moeten kiezen. Het geeft wel inzicht in de veranderingen op de arbeidsmarkt, maar minder duidelijk dan we hoopten. De uitkomst is ambivalent, dat betekent dat we als FNV een eigen keuze moeten maken, we worden niet door de ontwikkelingen gedwongen om voor een basisinkomen te kiezen. Ook als er uiteindelijke een basisinkomen komt blijft de FNV nodig. We moeten in het debat over basisinkomen ook tegenstanders opzoeken, zodat we weloverwogen een standpunt in kunnen nemen. We proberen een visie te ontwikkelen voor de lange termijn, een visie op de toekomst van de arbeidsmarkt.

Wat gaan we de komende tijd doen? We gaan het land in, met leden in gesprek. Volgend jaar gaan we een gedachten-experiment met het basisinkomen doen, we willen alles weten. Belangrijkste is dat de FNV strijdt voor een rechtvaardige arbeidsmarkt en menswaardige maatschappij, misschien zijn daarvoor andere dingen nodig dan een basisinkomen, dat moet blijken.

Slotwoord door Paul de Beer

StartconferentiePaul de Beer is bijzonder hoogleraar arbeidsverhoudingen (Henri Polak-leerstoel) aan de Universiteit van Amsterdam en onderzoeker bij het AIAS. Daarnaast is hij bij de Burcht wetenschappelijk directeur van het Wetenschappelijk Bureau voor de Vakbeweging en mededirecteur van het AIAS-instituut van de UvA. Paul stelt dat we de toekomst niet kunnen voorspellen. Wat de wetenschap over de toekomst kan zeggen is dat het óf hetzelfde blijft (trends zetten door) of anders wordt. Wat je wel kunt doen is scenario’s ontwikkelen; voor welke kanten het op zou kunnen gaan. Juist vanwege de onzekerheid over de toekomst van de arbeidsmarkt moet de FNV een eigen visie hebben. Verder is van belang dat de toekomst van de arbeidsmarkt door ons zelf gemaakt wordt, die overkomt ons niet. Waar we op uitkomen weten we niet. Dit onderzoek is een bouwsteen. Over een jaar kunnen we hier terug komen en met elkaar delen wat we allemaal weten en wat dat voor de toekomst van de arbeidsmarkt en de mogelijkheden voor een basisinkomen kan betekenen.

Afsluiting door Frénk van der Linden: Wat neem je mee, wat trof je?

  • Basisinkomen is mogelijk, maar we hebben nog een lange weg te gaan.
  • De baanloze groei is begonnen, we zitten nu op het niveau van werkgelegenheid van 2008.
  • Vrijwilligerswerk wordt niet gewaardeerd, zoals betaald werk, terwijl dat wel nodig is.
  • De groei van onzeker werk valt op; uit de sheets van Wieteke blijkt dat in de jaren ’70 één op de 20 werknemers onzeker werk had en nu is het één op de drie. Dat beeld is schokkend, we leven in een hele andere wereld.
  • Ralf is optimistisch, hij gelooft dat we de maatschappij kunnen kantelen, zodat er een eerlijke verdeling komt en armoede wordt aangepakt. De FNV geeft met het onderzoek en deze bijeenkomst weer een zetje in de goede richting.

 

Speech Kitty Jong Startconferentie Basisinkomen FNV 14-12-2018

Mooi dat jullie met zoveel gekomen zijn. Vanmiddag staat het basisinkomen hier centraal. Ik hoop dat we vanmiddag veel van elkaar leren en elkaar inspireren. Hoewel het goed gaat met de economie – er zijn tekorten op de arbeidsmarkt en de werkloosheid is laag – vraagt de FNV nu aandacht voor het basisinkomen. Het is geen nieuw onderwerp, maar er is wel een nieuwe context, die vraagt om een gedegen standpunt van de FNV. In periodes van crises kreeg het basisinkomen aandacht, bijvoorbeeld in de jaren ’80. We zijn nu alweer even uit de laatste crisis, maar we zien dat veel mensen niet delen in de economische groei. Ook wordt de kwaliteit van banen niet beter. Lonen blijven fors achter bij de winsten van bedrijven en het aantal onzekere banen blijft groeien.

StartconferentieVandaag willen wij als FNV het debat over dat basisinkomen aftrappen. We zijn hier met leden, vertegenwoordigers van het ledenparlement, het DB en het AB, met wetenschappers en allerlei deskundigen. We hebben hier zelfs ook een ervaringsdeskundige. Dit is het begin. De komende tijd willen we onderzoeken of het basisinkomen onze FNV-doelen dichterbij brengt. Een menswaardige maatschappij, het verkleinen van de kloof tussen arm en rijk, echte banen en een goed werkende arbeidsmarkt.

Hoe zijn we zover gekomen? In 2017 heeft het FNV-congres het besluit genomen om onderzoek te doen naar het basisinkomen. Het doel is om er achter te komen of het basisinkomen een goed instrument is om een eerlijker verdeling van werk, inkomen en kapitaal te bereiken. Met een groep leden en beleidsadviseurs is er een projectplan gemaakt, waarin de aanpak voor dit onderzoek staat. We brengen alle kennis en ervaring op het terrein van basisinkomen in kaart. We gaan in gesprek met leden in de sectoren en lokale afdelingen en met politici, wetenschappers en andere experts. We gaan in debat met vóór- en tegenstanders over de vormen van basisinkomen, de financiering en de effecten voor burgers en de maatschappij. Er is een plan om samen met de UvA en Universiteit Leiden een gedachtenexperiment op te zetten. Doel is een gedegen en gedragen FNV-standpunt over basisinkomen in 2020.

De aandacht voor het basisinkomen betekent niet dat voor de FNV werk niet meer belangrijk is. Maar we willen kwaliteit van werk, zekerheid en een eerlijk loon. We zien werkende armen, zzp-ers die niet verzekerd zijn en flexwerkers die elke maand onzeker zijn over hun werk en inkomen. Werkgevers schuiven de risico’s naar werknemers. Als er tijdelijk minder werk is, zijn werknemers de dupe. Flexwerkers moeten zelf zorgen voor pensioenopbouw, een verzekering voor werkloosheid of ziekte, en voor om- en bijscholing. Daarnaast zien we in heel veel bedrijven en sectoren dat de druk om loonkosten zo laag mogelijk te houden enorm is.

Werknemers met onzeker werk lijken vaak te accepteren dat ze steeds meer risico lopen en steeds minder delen in de economische groei. Ze durven niet in verzet te komen omdat ze bang zijn hun baan te verliezen. Zij willen niets liever dan een vaste baan. Ook 90% van de jongeren wil dat. En er is een grote groep mensen zonder werk, dat zijn er bijna 2 miljoen. Ja, er zijn ook werknemers die het goed voor elkaar hebben, die wel een goed loon krijgen, verzekerd zijn en een vast contract hebben. Ook zij delen te weinig in de economische groei, maar zij durven de druk wel op te voeren met acties.

De kloof tussen mensen die erbij horen en mensen die er niet bij horen neemt toe. Dat zie je met name op de arbeidsmarkt. Voor een gedegen standpunt is een wetenschappelijke basis nodig. Daarom hebben we onderzoek laten doen naar de ontwikkelingen in de werkgelegenheid van de afgelopen 50 jaar. We wilden graag weten hoe de hoeveelheid banen en de kwaliteit van banen zich hebben ontwikkeld. Daarmee kunnen we toekomstscenario’s ontwikkelen voor de arbeidsmarkt en kijken of en hoe een basisinkomen een oplossing is voor de problemen die dan spelen.

Paul de Beer en Wieteke Conen onderzochten de ontwikkelingen in de kwantiteit van de werkgelegenheid, het aantal banen en gewerkte uren. Maar ook de kwaliteit van werk; de werkzekerheid en beloning. Dat is mooi in kaart gebracht, dank daarvoor Paul en Wieteke. Paul en ik hebben elkaar afgelopen dinsdag voor het eerst ontmoet toen we een interview over basisinkomen aan Trouw gaven, dat gisteren is gepubliceerd.

Met hun onderzoek kunnen we de toekomst van de arbeidsmarkt niet voorspellen, maar er komen wel trends uit die door kunnen zetten in de toekomst. En op die toekomst willen wij ons voorbereiden. Het mooie aan het onderzoek is dat ook onderzocht is welke factoren deze ontwikkelingen bepalen. Wat is de invloed van technologie, van beleid en van economische groei? U heeft misschien al de conclusies in de samenvatting kunnen lezen. Wieteke gaat straks in op alle resultaten van het onderzoek. Maar ik wil graag alvast één opvallende trend met jullie delen. Iets wat wij als FNV al lang weten, maar nu met cijfers is onderbouwd.

De afgelopen 20 tot 30 jaar zie je dat de kwaliteit van werk sterk veranderd is. Er is veel meer onzeker, laagbetaald werk. Uit het onderzoek blijkt dat het aantal hoogbetaalde én het aantal laagbetaalde banen is gegroeid, terwijl het aantal modaal betaalde banen is gedaald. De middengroepen staan onder druk, constateerde het Sociaal en Cultureel Planbureau vorig jaar al. Met de groei van het aantal laagbetaalde banen én de doorgeslagen flexibilisering staat ook de kwaliteit van het werk onder druk. Laagbetaald werk is vaak flexwerk. Stel je iemand voor die een laag uurloon heeft, de hele week beschikbaar moet zijn om op het laatste moment voor 12 uur opgeroepen te worden. Je weet per maand niet wat je inkomen wordt en kan er geen werk naast hebben omdat je fulltime beschikbaar moet zijn. Iemand met een basisinkomen heeft dan een steviger positie, omdat hij of zij al basiszekerheid heeft. En met beleid, zo blijkt uit het onderzoek, kun je wel degelijk invloed uitoefenen op ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.

Technologische ontwikkeling leidt ertoe dat banen verdwijnen en veranderen en dat nieuwe banen ontstaan. De grote transities op de arbeidsmarkt, die gaan komen hebben groot effect op ons werk. Naast automatisering en robotisering is er de platformeconomie en de energietransitie. We weten simpelweg niet welke effecten deze grote transities zullen hebben op de werkgelegenheid. Wieteke en Paul zullen daar misschien straks nog wat over zeggen, want zij hebben daar in hun onderzoek ook naar gekeken. Àls er straks veel minder werk is, zoals sommige onderzoekers verwachten, kan een basisinkomen helpen. Mensen kunnen dan korter gaan werken, want ze hebben dan al – letterlijk – een basisinkomen. De resterende hoeveelheid werk kan dan eerlijker worden verdeeld, zodat zoveel mogelijk mensen aan het werk kunnen blijven. Maar de grote transities hebben niet alleen effect op de hoeveelheid werk, maar ook op de kwaliteit van banen. Op inkomens- en werkzekerheid en op de beloning. Wij spannen ons als FNV natuurlijk tot het uiterste in, zodat nieuw werk ook goede banen oplevert mét een cao, bijvoorbeeld in de windenergiesector. Net als voor het onzekere werk van nu, kan een basisinkomen ook voor deze nieuwe banen toch een stukje basiszekerheid betekenen. Ook als je tijd nodig hebt om je om te scholen voor de overstap naar een nieuwe baan kan het basisinkomen je helpen.

Hoe moet een basisinkomen eruit zien? Het is een bedrag in geld, dat elke burger vanaf zijn 18e elke maand krijgt, zonder voorwaarden. Dat zou bijvoorbeeld 1000 euro per maand kunnen zijn. We zien het basisinkomen als volksverzekering, werknemersverzekeringen blijven bestaan. Basisinkomen mag niet het hele stelsel van sociale zekerheid vervangen, waardoor je een ministelsel krijgt. Het vervangt onder andere de bijstand. Daarmee zijn we ook af van de tegenprestatie, die mensen nu noodgedwongen moeten verrichten, en waar werkgevers als PostNL misbruik van maken. Met een basisinkomen alleen ben je er niet. Daarnaast is meer nodig om een menswaardige maatschappij en kwaliteit van banen en arbeidsvoorwaarden te bereiken. Onze taak is niet klaar als er een basisinkomen is, we blijven opkomen voor de rechten van werknemers. Ik verwacht dat mensen, ook als ze een basisinkomen krijgen, willen blijven werken want dat blijft de manier om je inkomen te verhogen. De FNV blijft zich inzetten voor een eerlijke beloning. Werknemers moeten delen in de economische groei en winsten van bedrijven.

Ik zei het al, een ervaringsdeskundige zit hier in de zaal. Frans Kerver is de eerste en enige Nederlander, die een basisinkomen heeft gehad. Hij vertegenwoordigt een heel klein, maar wel bijzonder sociaal economisch experiment. In een interview met NRC zegt hij: ‘wij moeten als samenleving meer leren delen, dat zijn we vergeten, dat is het basisinkomen.’ Dat spreekt de FNV aan, ook wij willen een eerlijke samenleving, waarin mensen werk en inkomen met elkaar delen.

Aan het begin zei ik dat het basisinkomen niet nieuw is, maar wel in een nieuwe context staat. Ondanks de hoogconjunctuur, zijn de lonen laag en is er veel onzeker werk. Werknemers blijven afhankelijk van werkgevers en profiteren onvoldoende mee van de welvaartsgroei. Hoe ziet de toekomst eruit? Wordt het beter, erger of blijft het zo? We weten het niet, maar we kunnen ons wel voorbereiden. Daarom willen wij een gedegen onderzoek naar het basisinkomen.

Wat gaan we doen vanmiddag? Ik zet graag stappen met jullie op dit onbekende terrein. De FNV wil verder met het onderzoek naar basisinkomen en daar hebben we jullie bij nodig. Wat vinden jullie van het basisinkomen? Wat kan het voor de FNV betekenen? Brengt het onze doelen op de lange termijn dichterbij? Ik zie er naar uit om hierover met elkaar in debat te gaan.

Voor 2019 heeft het FNV nieuwe activiteiten gepland voor het project Basisinkomen. We gaan nader onderzoek doen, naar gedragseffecten met een gedachtenexperiment en naar de mogelijkheden voor financiering van een Basisinkomen. Ook worden er in 2019 bijeenkomsten gehouden, lokaal en sectoraal om leden te informeren en te horen. Wilt u op de hoogte blijven van het project? Stuurt u dan een e-mail aan basisinkomen@fnv.nl.

Foto: Burcht van Berlage; Flickr.com

Facebooktwitterlinkedinrssyoutube