Facebooktwitterlinkedinmail

VASTSTELLING STATUTEN

Heden, de achttiende april negentienhonderd éénennegentig, verscheen voor mij, Mr Ernst Olaf Faber, notaris te Amsterdam: mevrouw Sara Boerlage, geboren te Amsterdam op drieëntwintig maart negentienhonderd tweeëndertig, universitair docent, wonende te 1075 LS Amsterdam, Bertelmanplein 108.

De comparante gaf vooraf te kennen:

In Amsterdam bestaat sedert éénendertig januari negentienhonderd éénennegentig een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid, onder de naam Vereniging Vriendinnen en Vrienden van een Basisinkomen. De vereniging kent geen statuten en is niet ingeschreven in het verenigingenregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken te Amsterdam. In de op vijftien april negentienhonderd éénennegentig te Amsterdam gehouden algemene vergadering van de vereniging is met algemene stemmen ingestemd met een op die vergadering gedaan voorstel alsnog statuten voor de vereniging vast te stellen en om deze statuten in een notariële akte te doen opnemen, teneinde volledige rechtsbevoegdheid te verkrijgen. Zij, comparante, is in en door gemelde vergadering gemachtigd om de desbetreffende notariële akte te doen opmaken en te ondertekenen. Van het in gemelde vergadering verhandelde blijkt uit een aan deze akte gehecht exemplaar van de notulen. De comparante verklaarde, ter uitvoering van het vorenstaande, dat de statuten van de vereniging luiden als voIgt:

 

NAAM, ZETEL, OPRICHTING EN DUUR

Artikel 1.

  1. De vereniging is genaamd: Vereniging Vriendinnen en Vrienden van een Basisinkomen.
  2. Zij is gevestigd te Amsterdam.
  3. Zij is opgericht op éénendertig januari negentienhonderd éénennegentig, verkreeg de volledige rechtsbevoegdheid bij akte op achttien april negentienhonderd éénennegentig voor notaris Mr. E.O.Faber te Amsterdam verleden en duurt voort voor onbepaalde tijd.

 

DOEL EN MIDDELEN

Artikel 2.

  1. De vereniging heeft ten doel het bevorderen van het invoeren van een basisinkomen in Nederland.
  2. De vereniging tracht haar doel te bereiken door:
    1. het organiseren en het actief betrekken bij de doelstelling van de vereniging van personen en groeperingen in Nederland en daarbuiten die zich een voorstander betonen van de invoering van een basisinkomen;
    2. het beïnvloeden van overheden en maatschappelijke organisaties (zoals politieke partijen, kerken, werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties en organisaties van mensen zonder werk); en
    3. het verrichten van al hetgeen met het vorenstaande, in de ruimste zin genomen, in verband staat of daartoe bevorderlijk kan zijn.

 

LEDEN

Artikel 3.

  1. Leden van de vereniging kunnen zijn zowel natuurlijke personen als rechtspersonen, ongeacht rechtsvorm en rechtsbevoegdheid.
  2. Aanmelding voor het lidmaatschap geschiedt schriftelijk bij het bestuur.
  3. Het bestuur beslist binnen drie maanden na de aanmelding omtrent de toelating van een lid.
  4. Het bestuur is bij niet-toelating verplicht schriftelijk de redenen voor de niet toelating aan de betrokkene mede te delen.
  5. Bij niet-toelating is de betrokkene bevoegd binnen één maand nadat het bericht van de niet-toelating de betrokkene heeft bereikt, in beroep te gaan bij de algemene vergadering.
  6. Bij niet toelating tot lid kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  7. Het bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van aIle leden zijn opgenomen.
  8. Het lidmaatschap is persoonlijk en niet voor overdracht vatbaar.

 

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP

Artikel 4.

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door de dood van het lid casu quo, indien het betreft een rechtspersoon-lid, door het feit dat deze ophoudt te bestaan;
    2. door opzegging door het lid;
    3. door opzegging namens de vereniging; deze kan geschieden wanneer het lid verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren; en
    4. door ontzetting; deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
  2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
  3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of namens de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
  4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  5. Een lid is niet bevoegd door opzegging van het lidmaatschap een besluit waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, voor zichzelf uit te sluiten.
  6. Het bestuur is verplicht een besluit tot opzegging onmiddellijk schriftelijk ter kennis van het betrokken lid te brengen.
  7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, staat de betrokkene binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Gedurende de beroepstermijn en tot de algemene vergadering waarin over het beroep zal worden besloten, is het lid geschorst.
  8. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door de algemene vergadering op voordracht van het bestuur.
  9. Het bestuur is verplicht een voordracht tot ontzetting uit het lidmaatschap onmiddellijk schriftelijk ter kennis van het betrokken lid te brengen.
  10. Het bestuur is verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering bijeen te roepen, waarin over de ontzetting van het betrokken lid zal worden besloten.
  11. Het bestuur is bevoegd om het betrokken lid, terzake van wie een voordracht tot ontzetting is gedaan, tot de algemene vergadering waarin over het beroep zal worden besloten, te schorsen.

 

DONATEURS

Artikel 5.

  1. Donateurs zijn zij die zich bereid verklaard hebben de vereniging financieel te steunen met een door de algemene vergadering vast te stellen minimum-bijdrage.
  2. Het bestuur beslist omtrent de toelating van donateurs.
  3. De rechten en verplichtingen van een donateur kunnen te alIen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingsjaar voor het geheel blijft verschuldigd.
  4. Beëindiging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
  5. Donateurs hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend en opgelegd.

 

VERPLICHTINGEN VAN DE LEDEN

Artikel 6

  1. De leden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse contributie, die door de algemene vergadering zal worden vastgesteld. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende contributie betalen.
  2. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een contributie te verlenen.
  3. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.
  4. De leden zijn voorts gehouden tot nakoming van de verplichtingen die hen krachtens bestuursbesluit en/of besluit van de algemene vergadering in naam van de leden aangegane overeenkomsten worden opgelegd.

 

BESTUUR

Artikel 7.

  1. Het bestuur bestaat uit tenminste vijf en ten hoogste negen personen, die wat betreft de voorzitter, de secretaris en de penningmeester in functie door de algemene vergadering uit de leden-natuurlijke personen worden benoemd.
  2. Het aantal bestuursleden wordt door de algemene vergadering bepaald.
  3. Indien het aantal bestuursleden beneden vijf, casu quo het door de algemene vergadering vastgestelde aantal, is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
  4. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 5 van dit artikel. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als ten minste drie leden gezamenlijk. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht door drie of meer leden moet voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend. Indien een voordracht de functies van voorzitter, secretaris en/of penningmeester betreft, wordt daarvan nadrukkelijk melding gemaakt.
  5. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnornen door een met tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering, genomen in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
  6. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het voorgaande lid de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnernen, dan is de algemene vergadering vrij in de keus.
  7. Indien er meer dan één bindende voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.

 

EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP EN SCHORSING

Artikel 8.

  1. Elk bestuurslid kan te alIen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreden. De aftredende is herkiesbaar. Wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
  3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door bedanken.

 

BESTUURSFUNCTIES EN BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR

Artikel 9.

  1. Het bestuur wijst uit zijn midden ten minste één plaatsvervangend voorzitter aan. Een bestuurslid kan meer dan één functie bekleden, zulks met dien verstande dat de functies van voorzitter, secretaris en penningmeester niet in een persoon verenigbaar zijn.
  2. Elk bestuurslid is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de aan de betrokkene opgedragen taak.
  3. De vergaderingen van het bestuur worden geleid door de voorzitter. Ontbreekt de voorzitter, dan wijst de bestuursvergadering een ander lid van het bestuur als voorzitter van de vergadering aan.
  4. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt. Bij ontstentenis of afwezigheid van de secretaris worden de notulen opgemaakt door een ander daartoe door de bestuursvergadering aan te wijzen lid van het bestuur. De notulen worden door en tijdens de eerstkomende bestuursvergadering vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter van die vergadering en de notulist ondertekend.
  5. In afwijking van hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter omtrent de totstandkoming en de inhoud van een besluit niet beslissend.
  6. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.

 

BESTUURSTAAK

Artikel 10.

  1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
  2. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies die door het bestuur worden benoemd.
  3. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.
  4. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten tot:
    1. het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen een bedrag of waarde van éénduizend gulden (f.1.000,– ) gulden te boven gaande, onverminderd het hierna bepaalde en tenzij in de door de algemene vergadering vastgestelde begroting voorzien.
    2. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen;
    3. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
    4. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
    5. het aangaan van dadingen; en
    6. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.

 

VERTEGENWOORDIGING

Artikel11.

  1. De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter tezamen met hetzij de secretaris, hetzij de penningmeester.
  2. Bij ontstentenis of afwezigheid van de voorzitter, wordt de vereniging evenwel in en buiten rechte vertegenwoordigd door de secretaris en de penningmeester tezamen.

 

JAARVERSLAG, REKENING EN VERANTWOORDING EN BEGROTING

Artikel 12.

  1. Het verenigingsjaar loopt van een januari tot en met éénendertig december.
  2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  3. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd bestuur. Na verloop van de termijn kan ieder lid deze rekening en verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
  4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks al dan niet uit de leden een kascommissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De kascommissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
  5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascommissie zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de kascommissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
  6. De last van de kascommissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere kascommissie.
  7. De algemene vergadering stelt jaar1ijks een begroting voor het lopende of het komende verenigingsjaar vast.
  8. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2, 3, 4 en 7 van dit artikel tenminste tien jaar te bewaren.

 

ALGEMENE VERGADERING

Artikel 13.

  1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering – de jaar vergadering – gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
    1.  het jaarverslag en de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 12 van deze statuten met het verslag van de aldaar bedoelde kascommissie;
    2. de benoeming van de in artikel 12 genoemde kascommissie voor het volgende verenigingsjaar;
    3. voorziening in eventuele vacatures;
    4. het vaststellen van de begroting voor het lopende of het komende verenigingsjaar, tenzij dit vaststellen op een andere algemene vergadering geschiedt; en
    5. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
  3.  Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
  4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 17 van deze statuten of, indien zij niet de beschikking hebben over het ledenregister, op kosten van de vereniging bij advertentie in ten minste één landelijk veel gelezen dagblad.

 

TOEGANG EN STEMRECHT

Artikel14.

  1. Toegang tot de algemene vergadering hebben aIle leden van de vereniging en aIle donateurs. Geen toegang hebben geschorste leden.
  2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de algemene vergadering.
  3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem.
  4. Een lid kan zijn stem door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid uitbrengen. Een lid is evenwel niet bevoegd voor meer dan één ander lid als gevolmachtigde op te treden.

 

VOORZITTERSCHAP EN NOTULEN

Artikel 15.

  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging. Ontbreekt de
  2. voorzitter, dan treedt een der andere bestuursleden door het bestuur aan te wijzen als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf.
  3. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter van de vergadering daartoe aangewezen persoon notulen gernaakt, die door en tijdens de eerstkomende algemene vergadering worden vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter van die vergadering en de notulist worden ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces verbaal van het verhandelde doen opmaken.
  4. De inhoud van de notulen of van het proces verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.

 

BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING

Artikel 16.

  1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
  2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  3. Voorzover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden aIle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
  4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of ingeval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten, plaats. Heeft alsdan wederom niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij een persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
  6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
  7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een  stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
  8. Een éénstemmig besluit van aIle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
  9. Zolang in een algemene vergadering aIle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent aIle aan de orde komende onderwerpen – dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding – ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

 

BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING

Artikel 17.

  1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden volgens het ledenregister bedoeld in artikel 3 van deze statuten. De termijn voor de oproeping bedraagt ten minste drie weken, de dag van oproeping en die van vergadering niet meegerekend.
  2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in artikel 19 van deze statuten.

 

REGLEMENTEN

Artikel 18.

  1. De algemene vergadering kan één of meer reglementen vaststellen.
  2. De algemene vergadering is bevoegd reglementen te wijzigen en in te trekken.
  3. De reglementen mogen niet in strijd zijn met de wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.

 

STATUTENWIJZIGING

Artikel 19.

  1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
  2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste veertien dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, aan aIle leden toegezonden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin ten minste twee/derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Is niet twee/derde van de leden aanwezig. of vertegenwoordigd, dan wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
  4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid afzonderlijk bevoegd en verplicht.

 

ONTBINDING EN FUSIE

Artikel 20.

  1. De algemene vergadering kan, op voorstel van het bestuur, besluiten tot ontbinding of tot fusie met één of meer andere rechtspersonen. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van artikel 19 van deze statuten is van overeenkomstige toepassing.
  2. Bij ontbinding vervalt het batig saldo na vereffening aan diegenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren. Ieder hunner ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven.

 

OMZETTING

Artikel 21.

De algemene vergadering is, met inachtneming van het bepaalde in artikel 20a boek 2 Burgerlijk Wetboek, bevoegd tot het omzetten van de vereniging in een stichting en het wijzigen van haar statuten.

 

OVERGANGSBEPALING

Artikel 22.

In afwijking van het bepaalde in artikel 8 van deze statuten, treedt het bestuur, zoals dat op de datum waarop de vereniging haar volledige rechtsbevoegdheid verkreeg in functie was, in zijn geheel af op veertien september negentienhonderd éénennegentig, op welke datum zij allen herbenoembaar zijn.

 

Tenslotte verklaarde de comparante dat het bestuur van de vereniging thans is samengesteld als voIgt:

  1. voorzitter: mevrouw S. Boerlage, de comparante, voornoemd;
  2. secretaris: mevrouw Maria Helena Dijkstra, geboren te Amsterdam op achttien november negentienhonderd drieëndertig, wonende te 3741 VE Baarn, Schaepmanlaan 124;
  3. penningmeester: de heer Robert Theodor Steinbuch, geboren te Malang (Indonesië) op negenentwintig april negentienhonderd éénendertig, wonende te 3972 DD Driebergen, Damhertlaan 129; en
  4. tweede penninqrneester: de heer Franciscus Adrianus Jacobs, geboren te Rotterdam op acht september negentienhonderd vijftig, wonende te 3061 XL Rotterdam, Aegidiusstraat 20-b.

De comparante is mij, notaris, bekend.

WAARVAN AKTE in minuut is verleden te Amsterdam op de datum, in het hoofd dezer akte vermeld.

Na zakelijke opgave van de inhoud van deze akte aan de comparante, heeft deze verklaard van de inhoud van deze akte te hebben kennisgenomen en op volledige voorlezing daarvan geen prijs te stellen.

Vervolgens is deze akte, na beperkte voorlezing, door de comparante en mij, notaris, ondertekend.

(Getekend: ) S. Boerlage; E. Faber.