Te gek voor woorden. 22. Wir haben es gewußt

Er is veel geschreven over de Participatiewet.
Conclusie: de Participatiewet is mislukt! De gedachte dat gemeenten dichter bij haar burgers staan blijkt een averechtse werking te hebben. Velen verdienen er goed aan om dat steeds weer op te schrijven.
Heel gauw de vuilnisbak in en het geld wat nu besteed word aan de verdienmodellen, geven aan de mensen die het écht nodig hebben!

Mijn verhalenboek bestaat uitsluitend uit ervaringsdeskundige verhalen. De ervaringsdeskundige ben ik. Dat wil niet zeggen dat mijn verhalen uniek zijn, individueel. Dat is trouwens meestal de standaardreactie van de gemeente bij het Spreekrecht: “Wij kunnen niet ingaan op een individuele casus.” Met andere woorden, uw verhaal is uw verhaal en geldt niet voor anderen. Ik maak altijd het vergelijk met de kapotte lantaarnpaal in de straat, ook al is die ene lantaarnpaal individueel, als deze precies op een gevaarlijke bocht staat en hij doet ’t niet, dan is dat toch in algemeen belang?

Maar zoals onderstaande opsomming laat zien is er veel geschreven over de Participatiewet: vele, vele artikelen en vele, vele dikke rapporten. En ze komen allemaal tot dezelfde conclusie: de Participatiewet is mislukt! De gedachte dat gemeenten dichter bij haar burgers staan blijkt een averechtse werking te hebben. 352 gemeenten, 352 verschillende regeltjes. De macht van de ambtenaar is onevenredig groot. Het verdienmodel voor gemeenten, organisaties en bedrijven is business geworden. Een miljardenindustrie waarin de armen/zwakkeren het verdienmodel zijn. Alles volgens de Participatiewet, juridisch dichtgetimmerd, omdat de wet gemeenten de ‘vrijheid’ geeft te handelen zoals het haar goed dunkt. De ene gemeente ziet bijstandsgerechtigden als kostenpost, losers, bankzitters, labbekakken, en vergelijkbare uitlatingen. Het beleid is hard… lees het verhaal Verboden woorden voor ambtenaren. Andere gemeenten zien bijstandsgerechtigden als mensen met pech op het levenspad; werkeloosheid, ziekte, echtscheiding of ‘gewoon’ pech. Zij voeren een beleid met een hart.
Ik vind het onvoorstelbaar dat je als politiek een wet handhaaft waarvan bewezen is dat ze inefficiënt is, vaak onmenselijk, een vermogen kost en waardoor burgers met hun rug tegen de muur komen te staan.

Het is alweer november 2020. Veel van mijn verhalen hebben geen einde. Iedere keer is er weer een gebeurtenis of moment waardoor mijn verhalen nóg ernstiger worden.

Ik stuurde een kennis van mij het volgende artikel: De Participatiewet of een rechtvaardige bijstand? Dit artikel was gepubliceerd op de website van Sociale Vraagstukken. Alweer een artikel over de uitwerking van de Participatiewet, het onderdeel Werk & Inkomen. Mijn kennis omschrijft zich als Senior Adviseur Participatiewet. Hij heeft dus verstand van zaken, is een professional. Ik stuur hem een WhatsApp-berichtje met de link van dit artikel met de opmerking: “Hoeveel rapporten moeten er nog geschreven worden?” Zijn antwoord: “Net zolang als ze ervoor betalen.”

Ik weet dat hij het vaker met mijn denken eens is, maar dat is een privémening. Hij zal dit nooit wereldkundig maken. Ik vertaal dit als bullshitjob. Moeten werken volgens de regeltjes, de visie, de verdienmodellen, waar je het in je hart eigenlijk helemaal niet mee eens ben. Hoeveel ambtenaren, adviseurs, politici, beleidsmedewerkers, managers en uitvoerenden zijn er die moeten werken met de Participatiewet, maar het in hun hart helemaal niet mee eens zijn met deze wet? Tja, het verdient zo goed, en je moet toch ergens je hypotheek van betalen!

Onderstaande tekst komt uit mijn verhaal Ervaringsdeskundigheid

“[…] De man vertelde dit verhaal met horten en stoten, zeer emotioneel en hij kon zijn tranen niet bedwingen. Ik ook niet, werd in mijn ziel geraakt.

De voorzitter van deze meeting moest na dit verhaal ook even slikken. Deze ervaringsdeskundigen werden door iedereen zeer gewaardeerd voor hun openheid en het durven vertellen. Eén van de toehoorders durfde zelfs de opmerking te plaatsen: “Heel bijzonder dat deze twee mensen zich zo kwetsbaar durven op te stellen, de meeste mensen houden hun mond, omdat ze bang zijn voor een sanctie”.

Zoals de lezer inmiddels wel begrepen heeft… van dit soort verhalen zijn er inmiddels al honderden bekend. En tóch doen de professionals nét alsof dit de eerste keer is dat zij dit horen. Ik wil/kan maar niet begrijpen, dat mensen die meewerken aan deze praktijken, ’s nachts nog lekker kunnen slapen. Je werkt als sociaal medewerker en je maakt mensen kapot, omdat…??? Wij dienen de wet uit te voeren? Ons budget is niet toereikend? Wij productie moeten draaien? Wij het al zo druk hebben? Of hebben wij de training ‘Sturing op zelfsturing’ gevolgd? Lees het verhaal ‘Verboden woorden voor ambtenaren’. Ik ben ervan overtuigd dat met het (betaald) binnenhalen van ervaringsdeskundigen voor vele beleidsmakers/uitvoerenden en politici de ogen (eindelijk) open gaan”.

Het klinkt misschien hard, maar je bent mijn inziens medeplichtig aan deze praktijken! Je weet van misstanden, maar je doet er niets aan. Als jij kijkt naar de definitie ‘medeplichtig’:

Medeplichtige: in het strafrecht, is de persoon die opzettelijk heeft bijgedragen tot het misdrijf, niet-noodzakelijke hulp heeft geboden, onderrichtingen heeft gegeven, wapenswerktuigen of andere middelen heeft verschaft, onderdak heeft verleend en/of op voorhand op de hoogte was of redelijkerwijs had moeten zijn van het misdrijf. Hij moet onderscheiden worden van de mededader. Medeplichtigheid kan strafrechtelijk alleen bestaan aan een misdrijf, niet aan een overtreding.

Dus mijn ‘beschuldiging’ gaat juridisch gezien niet op. Maar niet alle normen en waarden zijn juridisch te toetsen. Dat hebben we wel gezien in de fraudeaffaire, dit werd zelfs gezien als ondermijning van het staatsrecht. Dus ook al ben je juridisch niet strafbaar… De vraag is: hoe gaan we met elkaar om? Toch?

Onderstaande tekst komt uit het verhaal Hechtingsstoornis.(dit verhaal komt, hoop ik, in mijn volgende boek.)

“De volgende dag word ik gebeld door Caroline. Ja, ja dat is haar échte naam. ‘Meneer Sangers, ik wil graag weten hoe het met u gaat en met uw zoon.’ Zij was aanwezig bij de bespreking met de directeur en teamleider. ‘Ik ben erg geschrokken wat jullie is overkomen door het toedoen van onze gemeente.’ Ik raakte enigszins van slag, dit ben ik niet gewend en er is toch een bepaald wantrouwen ingeslopen in de loop der jaren.
Ik zei tegen haar: ‘Ik ben in ieder geval heel blij dat de laatste teamleider is vertrokken, mevrouw Nee!’ Van wat zij vertelde schrok ik hevig.
‘Meneer, Sangers u heeft geen idee wat wij op de afdeling hebben meegemaakt met haar. Ik heb 26 collega’s zien gaan en komen. Alles wat fout ging lag aan iedereen, behalve aan haarzelf. Ik was bijna in een burn-out terecht gekomen.’
We waren beiden heel blij met het open en eerlijke gesprek. Zij is nu leidinggevende van een bepaald team. ‘Ik moet veel puin gaan ruimen, af en toe weet ik niet waar ik moet beginnen.’
We hebben afgesproken dat zij mij altijd mag bellen/mailen. ‘Als jullie iets veranderen/verzinnen vraag dan eerst aan ervaringsdeskundige hoe dit in de praktijk gaat uitwerken.’
Dat zal ze doen, ook haar collega’s ‘procesregisseurs’. Ik heb haar mijn verhaal Verboden woorden voor ambtenaren doorgestuurd, onder geheimhouding. Misschien gaat ze begrijpen waarom collega’s van haar zo werken. Ik ben heel bang dat haar teamleider ook valt onder verboden woorden voor ambtenaren. Haar leidinggevende, via de WhatsApp, een cijfer gegeven voor Carolien. Een 8!”

Deze week heeft mij wel in verwarring gebracht. Conclusie: het klopt dus! Mijn hele verhalenboek is dus de waarheid. Natuurlijk is het waar, maar vaak begreep ik niet het waarom. Nu wordt jaren van ellende bevestigd door de gemeente zélf! Persoonlijke ellende, ellende Cliëntenraad, ellende Bijstand-Werkt-Samen, ellende Vluchtelingenwerk… en niet alleen voor mij, maar velen met mij.
Ik ben blij met deze bevestiging, maar ik snap niet hoe het zover heeft kunnen komen. Sedert vijf jaar hebben we een nieuwe gemeentesecretaris, een nieuwe directeur, een nieuwe wethouder en een nieuwe teamleider. En tóch blijkt dat de ‘oude” gewoonten nog steeds de hoofdrol spelen. Dat de nieuwe teamleider precies de verkeerde was, mevrouw Nee, mevrouw IK, mevrouw ‘geheime overlegjes’, wist ik … maar dat de nieuwe wethouder, de nieuwe gemeentesecretaris, de nieuwe directeur dit hebben laten gebeuren, daar snap ik niks van. Ik heb toch genoeg signalen uitgezonden? Geloofden ze me niet? … Deze verwarring beschadigt mijn vertrouwen in mensen.
Sie haben es gewußt, zij hebben dit geweten. Ruim acht jaar trekken aan een dood paard, wolven in schaapskleren, liegen en bedriegen, geheime overlegjes, smerige trucjes, gewetenloos… Ik weet nog even niet hoe ik hier mee om moet gaan. Het bevestigt mijn gelijk, maar het geeft ook een belazerd gevoel.

De Participatiewet bestaat nu in 2020 vijf jaar. Hoeveel rapporten moeten er nog geschreven worden? Onderstaande berichten heb ik in een paar uur verzameld via Google: artikelen over de participatiewet. Ik zou er boeken mee kunnen vullen wat je tegen komt met deze zoekopdracht. Onderstaand zijn er maar een paar. Conclusie: de Participatiewet is mislukt! Heel gauw de vuilnisbak in en het geld wat nu besteed word aan de verdienmodellen, geven aan de mensen die het écht nodig hebben!

De vraag is: hoeveel rapporten, boeken en onderzoeken moeten er nog geschreven worden? Is het trieste antwoord: ZOLANG MEN ER VOOR BETAALT?

Uit het boek: MET DANK, DOOR MIJNOVERHEID BIJ DE VOEDSELBANK, Gerard Sangers.
Gerard is van mening dat basisinkomen een goede oplossing is om de problemen die hij in het boek schetst aan te pakken.
Zie hier voor meer informatie over het boek en voor de reeds gepubliceerde delen.
Zie ook de website Te gek voor woorden.

Copyright © 2021 Gerard Sangers
Niets uit deze tekst en het boek  mag worden verveelvoudigd, door middel van druk, fotokopieën, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
Het is wel toegestaan dit gehele bericht zonder wijzigingen te delen.