Te gek voor woorden. 4. DE VOEDSELBANK

Gerard herkende een paar gezichten bij de voedselbank. Zij hem ook, maar in het begin zeg je niets tegen elkaar. Je denkt: Jij ook hier?
Wat pijn doet, is dat er ook kinderen lopen van 5-6-7 jaar. Hoe gaan klasgenootjes hiermee omgaan met elkaar. “Wij kopen ons eten bij de voedselbank.”
Hij is drie jaar klant geweest. Langer mag niet.
De schaamte blijft. Altijd achterom de tassen naar binnen gebracht. Hopend dat je op dat moment niemand tegenkomt.

Facebooktwitterlinkedinrssyoutubeinstagram

Toen ik voor de eerste keer naar de voedselbank[1] ging, reed ik er langs en ging weer naar huis. De drempel was te hoog. Een lange rij auto’s op het parkeerterrein van de plaatselijke voetbalvereniging. Met de auto? Ja, dit moet wel, want bij ons zit de voedselbank ver weg van de bewoonde wereld, in de polder. Geen openbaar vervoer, met de fiets te ver en hoe krijg je drie bigshopper tassen op je bagagedrager?

De tweede keer alle moed verzameld en ik ook in de rij. Wat mij opviel waren toch wel de dure auto’s die daar stonden. “Gij zult niet oordelen.”
Later bleek dat deze mensen voor anderen voedselpakketten rondreden. Als je op het uiterste puntje van onze gemeente woont, ben je al gauw 20 autominuten onderweg.

Wat mij ook opviel waren de voedselbankklanten, niet alleen de gekleurde medemens, maar zeker ook Nederlanders, jonge mensen, ouderen. Ik herkende zelfs een paar gezichten. Zij mij ook, maar in het begin zeg je niets tegen elkaar. Je denkt: Jij ook hier? Wat mij pijn doet, is dat er ook kinderen lopen van 5-6-7 jaar. Ik vraag me af hoe klasgenootjes hiermee omgaan met elkaar. “Wij kopen ons eten bij de voedselbank.”

Mijn oprechte complimenten aan al die vrijwilligers van de voedselbank. Bij ons zijn dat zestig tot zeventig mannen en vrouwen. Het is een enorme klus en zij zullen er zelf geen gebruik van (mogen) maken.

Ik ben drie jaar klant geweest. De schaamte blijft. Altijd achterom de tassen naar binnen gebracht. Hopend dat je op dat moment niemand tegenkomt.

Als alleenstaande heb je recht op één pakket en dat is veel, veel te veel. Brood, vlees en groenten in overvloed. De meeste bakkers en supermarkten hier schenken aan de voedselbank. Alles met de uiterste verkoopdatum, dus onverkoopbaar, gaat ter plekke de vriezer in en wordt één keer per week opgehaald. Ik verdeelde mijn pakket altijd in drieën. Voor mezelf, mijn zoon en voor de Syrische buren (natuurlijk zonder varkensvlees).

Ik ben zelf een poosje vrijwilliger geweest bij de voedselbank. Voor wat hoort wat. Officieel mag dat niet. Klanten mogen geen vrijwilliger zijn. Vreemde regel vind ik, maar het zij zo. Nog een rare regel: je hebt drie jaar recht op de voedselbank, of je situatie nu wel of niet verbeterd is. Iemand die al drie jaar in de bijstand zit (en dat zijn er veel) vergaat het steeds minder. Maar ja, regel is regel. Ik was vrijwilliger door mijn supermarktachtergrond, kennis van voedselveiligheid, HACCP[2], temperatuurcontrole enzovoort. ik ben ermee opgegroeid. Helaas moest ik na een paar maanden stoppen. Mijn rug vond dit werk niet zo’n goed idee. Eén dag voedselbank, drie dagen rugklachten.

Zoals ik net al schreef: mijn complimenten voor de vrijwilligers. Het is natuurlijk belachelijk dat in een zo’n rijk land als Nederland zoiets moet bestaan. We beginnen het al ‘normaal’ te vinden.

De gemeente, de politiek en de ambtenaren hebben geen idee wat de voedselbank voor mensen betekent. Misschien willen ze dat ook wel niet weten, want zo iets is niet goed voor hun imago.

In één van mijn PowerPointpresentaties voor de gemeente stond een foto met een lange rij auto’s. “Weet u waar deze foto gemaakt is?” Niemand wist het.
“Deze foto is gemaakt op donderdagavond bij de voedselbank! Onze voedselbank wil graag een andere locatie. Beter bereikbaar, meer ruimte en niet iedere donderdagavond de tent weer moeten afbreken.”
De politiek steggelt hier nu al ruim twee jaar over. Ik ben bang dat men denkt: niet in het oog en niet in mijn achtertuin.

Even een stukje procedureaanvraag voedselbank. Dat ging toen bij ons via de gemeente. Op basis van drie maanden bankafschriften wordt je besteedbaar bedrag uitgerekend. En dat moet iedere drie maanden. Als je voldoet aan de criteria van de voedselbank, dan kom je in aanmerking.

Hier volgt weer zo’n ‘te-gek-voor-woorden-verhaal’:

Toen ik nog werkte en een auto had (die ik nodig had om te kunnen werken!), kwam het te besteden maandbedrag in de min. Dat betekende dat ik financieel aan het verdrinken was.
“U komt in aanmerking voor de voedselbank, meneer Sangers.” Dat wist ik natuurlijk ook wel.
“Maar wat doet u met deze berekening? U ziet dat het financieel fout gaat met mij.”
“O, nee daar doen we niets mee, ik maak alleen de berekening.”
Dan zak je echt door de grond. Je mag ‘blij’ zijn dat je in aanmerking komt, maar niemand vraagt zich af waar het probleem zit. Dat heet ‘vroegsignalering’ (een ambtelijk woord voor het voorkomen van problemen).

Een andere keer bij de controle werd ik gebeld door een aardige mevrouw.
“Meneer Sangers, volgens mijn berekening komt u nu niet meer in aanmerking voor de voedselbank.” Hoe kan dat nou? Inmiddels was ik wel gestopt met werken en heb geen auto meer, dus de inkomsten waren hoger en de kosten lager.
“Ik heb een overschot van € 1,19 (!!), zou het kunnen zijn dat er inmiddels kosten hoger zijn geworden? Huur, zorg?”
Na een telefoontje bleken mijn zorgkosten met € 4,00 omhoog te gaan. Ik ben nooit blij geweest met een kostenverhoging, behalve deze keer.

Nog zo’n raar verhaal. Via de Bijzondere Bijstand had ik recht op de witgoedregeling. Deze is inmiddels afgeschaft. Ik had een vrieskist aangevraagd, de mijne was inmiddels 20 jaar oud. Keurig een printje van een vrieskist, melding dat ik gebruik maak van de voedselbank en de prijs iets onder de Nibudnorm.  Zo’n aanvraag duurt natuurlijk maanden.
Telefoon: “Meneer Sangers, ik heb hier een aanvraag voor een vrieskist, maar dat kan niet.”
“Kan niet??”
“Nee, die staat niet op mijn lijstje. U kunt wel in aanmerking komen voor een koel-vriescombinatie.”
“Mevrouw ik heb geen koelkast nodig, daarbij past zo’n combi niet in mijn keuken en ik heb een vrieskist nodig vanwege de voedselbank.”
“Nee, dat kan niet, of u krijgt een koel-vriescombinatie of u vraagt een lening aan voor de vrieskist.” Ik ben creatief in denken, dus ik vraag aan de leverancier (aangewezen door de gemeente): “Joh, lever mij deze vrieskist en zet de koel-vriescombinatie op de bon!” Daar moest hij even over nadenken. Helaas dat ging dus niet door, de gemeente is zeker een grote klant. Je begrijpt, ik werd steeds pissiger.
Maar crea bea… Mijn dochter heeft van vader een nieuwe koel-vriescombinatie gekregen en vader krijgt van dochter een vrieskist!

Ik heb wel eens het gevoel dat gemeenten en overheid denken dat bijstandsgerechtigden per definitie gelijk zijn aan fraudeurs. Die zullen er heus wel zijn, zoals er  ook witteboordencriminelen zijn. Regelmatig wordt er een rechtmatigheidscontrole uitgevoerd. Dat vind ik logisch, maar wel op basis van inkomsten.
Ik moest over een bepaalde periode al mijn bankzaken uitprinten en inleveren. Uitprinten? Dat kost een vermogen!
“Kan ik ze niet downloaden en via de mail naar u opsturen?”
Ik kreeg het idee dat ze daar nog nooit van gehoord hadden.
Een mailtje van de gemeente: “Uit ons onderzoek is gebleken dat u regelmatig pint bij de plaatselijke benzinepomp. Uit onze gegevens blijkt dat u niet in het bezit bent van een auto, kunt u dit verklaren?”
Het stoom liep uit mijn oren. Moet ik ook al mijn (beperkte) uitgaven verantwoorden? Als reactie stuurde ik een stevige, doch nette mail terug:
“A: Ik maak af en toe gebruik van mijn dochters auto in verband met de voedselbank, vrijwilligerswerk en familiebezoek. B: Ik rook al bijna 50 jaar en de benzinepomp verkoopt ook shag!”

Ik heb gelukkig een dikke huid, maar ik kan mij goed voorstellen dat mensen vaak gillend gek worden van belachelijke regeltjes, arrogantie en het gevoel krijgen dat je onbetrouwbaar bent.
Conclusie: dit is niet goed voor de gezondheid!

Er is een kerstactie 2020 bij radio 538. De dj’s waren uitgenodigd in de talkshow van Beau. De heren legden uit wat de actie inhield en dat ze zelfs een dagje met de voedselbank hadden meegedraaid. Het is december dus we hebben van die feelgoodmomentjes nodig. Ik zag net een reclame van een merk boxershorts… “Bij aankoop van een onderbroek schenken wij er één aan een dakloze.” Ik vind het prima, maar als je iets dieper nadenkt is het eigenlijk te gek voor woorden: voedselbank en daklozen in Nederland. Eén van de rijkste landen van de wereld!

Beau, de presentator, vroeg het publiek: “Wie van u heeft wel eens gebruik moeten maken van de voedselbank?” Niemand, dus….

Het aantal voedselbankaanvragen stijgt enorm door de coronacrisis. Rotterdam durft zelfs een stijging van 50% te noemen. Er is iets ‘vreemds’ aan de hand in Voedselbankenland. Voor supermarkten is voedselverspilling nú een hot item. In het verleden mocht over dit onderwerp niet gepraat worden, er rustte een taboe op. AH heeft nooit verteld hoe hoog het percentage is wat in de vuilcontainer terecht komt. Nu zeggen ze er alles aan te doen om voedselverspilling tegen te gaan, de oplossing… schenken aan de Voedselbank. Bij de Lidl is het zelfs zo dat je je lege flessen kan schenken aan de voedselbank. Op de flessenautomaat zit daarvoor een speciale knop. In de AH-kerstfolder staat dat er bij aankoop van een kerststol € 1,00 geschonken wordt aan de voedselbank.

Tussendoor. Terwijl ik dit stukje schrijf heb ik Kassa-TV aanstaan. Onderwerp: de voedselbank. Er is dus meer tussen hemel en aarde (lees het verhaal Er is meer tussen hemel en aarde[3]). Wat ik wilde schrijven werd daar besproken. Supermarkten hebben iets nieuws ‘uitgevonden’ tegen voedselverspilling. Producten tegen de datum, worden nóg scherper afgeprijsd én apart in een koeling of vriezer gelegd. Dat is leuk voor de klanten, want iedereen is in voor een koopje. Maar het gevolg is dat de voedselbanken tot wel driekwart minder versproducten ontvangen. De supermarktbranche schreeuwt van de daken dat ze voedselverspilling tegengaat. Alleen is nu de praktijk dat deze producten in het ‘verkeerde’ winkelwagentje terecht komen. Supermarkten – ik kom zelf uit deze branche –  verdienen op moment goudgeld, mede door corona. Dus kunnen ze makkelijk producten tegen de datum schenken in plaats er nog dat laatste kwartje aan te ‘verdienen’.

In het interview van het programma Kassa met een vertegenwoordiger van de voedselbank zei de slimme interviewer: “Ik heb begrepen dat jullie van de overheid nu eindelijk subsidie gaan krijgen.”…
“Ja, dat klopt, daar zijn we heel blij mee.” Maar als ik dat geld bereken op het aantal voedselbankklanten, dan kom ik op € 7 per persoon per jaar.”…  Ja, en wat moet je dan zeggen? Je kan niet zeggen: het is veel te weinig, want eindelijk krijg je subsidie. Je kan niet zeggen dat het een druppel is op de gloeiende plaat. Dus je houdt het ‘neutraal’…
“Iedere bijdrage is bij de voedselbank welkom.”… Een overheid die de veroorzaker is van het noodzakelijk ontstaan van de voedselbank koopt het af met een bijdrage van € 7!!!!

Ideetje: Er is een gezegde van ene Mark Twain die als volgt luidt: De man met een nieuw idee is een dwaas, tot het idee een succes blijkt te zijn! Dus laat ik eens met een dwaas idee komen. Stel dat we een wet gaan maken dat de supermarktbranche 0,1% van zijn omzet af moet staan aan de voedselbanken. Je zou denken: 0,1% dat zet ook geen zoden aan de dijk.
Nu, reken even mee. De totaalomzet van supermarkten is per jaar 40 miljard euro, dus € 40.000.000.000. Dan is 0,1% € 40 miljoen! Die 0,1% is geld, geen goederen. Er zijn ruim 500 voedselbanken in Nederland en deze helpen wekelijks ongeveer 140.000 mensen. In werkelijkheid worden er veel meer mensen geholpen met voedselhulp door bijvoorbeeld Rode Kruis en kerken, maar daar heb ik geen cijfers van. Met die 40 miljoen kan je per jaar € 300 besteden per klant. Dat lijkt weinig, maar veel mensen hebben slechts een leefgeld van € 50 per week. Het is maar een idee… dwaas idee?

Mijn dochter was op bezoek, bleef een nachtje slapen. Gezellig. “Pa, ik heb zo een verrassing voor je, ik kan het om 18 uur ophalen.” Dat wordt natuurlijk een ‘raad eens-spelletje’. Zij heeft een nieuwe app To Good To Go.

De techniek staat voor niets. Verschillende supermarkten zijn lid. Het werkt super simpel, je meldt je aan, je betaalt € 4,99 digitaal en je kan een tas boodschappen met producten die tegen de datum zijn, komen ophalen. Ze kwam thuis met een big shopper vol: een heel brood (€ 1,99), vers gebak € 5,99), broodjes (€ 0,99), een maaltijd( €4,99) , vleeswaren(€ 3,33), verse vis(€ 3,49). Normale waarde ruim € 20. Mijn gevoel was een beetje dubbel. Aan de ene kant was ik er blij mee, aan de andere kant enigszins bezwaard. Na drie jaar voedselbankervaring krijg ik toch het idee dat ik de voedselbank te kort doe. Ik weet niet of ik deze app ga gebruiken. Om in de rij te staan bij de voedselbank gaf al enige schaamte. Om nu bij de plaatselijke supermarkt een tas op te halen To Good To Go, wekt bij mij ook enige schaamte. Ik ben in het dorp een bekend gezicht, omdat ik zelf een supermarkt heb gehad: Gerard’s Supermarkt. Ik weet van veel voedselbankgebruikers dat schaamte zwaar weegt. Ik vraag me af of deze gebruik maken van deze app. Dan blijven de ‘koopjeslopers’ en de’ goed-voor-het-milieu-activisten’ over? De vraag is of zij dit uit financieel oogpunt nodig hebben.

Misschien is die 0,1% verplichte afdracht door supermarkten aan de voedselbank nog niet eens zo’n slecht idee!

Foto groentemand van  congerdesign, koelkast van  K-H. Leuders via Pixabay 

Eindnoten:

[1] Lees meer over de voedselbanken op hun website.

[2] HACCP is de hygiënecode voor de horeca.

[3] Hoofdstuk 26, volgt later

 

Uit het boek: MET DANK, DOOR MIJNOVERHEID BIJ DE VOEDSELBANK, Gerard Sangers.
Gerard is van mening dat basisinkomen een goede oplossing is om de problemen die hij in het boek schetst aan te pakken.
Zie hier voor meer informatie over het boek en voor de reeds gepubliceerde delen.
Zie ook de website Te gek voor woorden.

Copyright © 2021 Gerard Sangers
Niets uit deze tekst en het boek  mag worden verveelvoudigd, door middel van druk, fotokopieën, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.