Te gek voor woorden. 9. OOK VLUCHTELINGEN MOETEN WERKEN. MAAR DE PRAKTIJK IS VOL PROBLEMEN

Deze keer vertelt Gerard niet over zijn eigen ervaringen, maar over die van een vluchteling die wil werken voor zijn bestaan en zijn gezin. Hoe dat flink lastig wordt gemaakt door de regelgeving.
Vind je dan werk, dan wordt je natuurlijk gekort op de bijstand en heb je meteen schulden regelingen. En als je al bijna een jaar aan de slag bent, komt de gemeente onverhoeds met een voorstel voor je re-integratie…

Facebooktwitterlinkedinrssyoutubeinstagram
Ervaringen van een vluchteling

Ik ben vluchteling. Met gevaar voor eigen leven heb ik mijn vrouw, kinderen, familie, huis en haard achtergelaten, op zoek naar een nieuwe toekomst.

Via vele omwegen kom ik in een dorp. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, dat kende ik wel, maar van deze gemeente had ik nooit gehoord.

Ik krijg een mooie woning toegewezen. Ik krijg hulp bij de papierwinkel van gemeente en vrijwilligers van Vluchtelingenwerk. In Nederland staat alles op papier en dat zit in een hele grote computer. Ook al ben ik redelijk goed opgeleid, ik krijg te maken met een doolhof van begrippen die ik met Google Translate niet kan vertalen. Huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget, kinderopvang, DigiD, MijnOverheid, heffingskorting, DUO, en zo zijn er nog wel honderd niet te vertalen woorden.

Gelukkig krijg ik er hulp bij. Ik heb geleerd dat wanneer er één vinkje verkeerd in die hele grote computer in Nederland staat, het systeem meteen op tilt slaat.

Ik krijg een beperkt budget om mijn huisje op te knappen, behangen, schilderen, tweedehands meubels uitzoeken enzovoort. Ik ben blij, want mijn vrouw en kinderen mogen naar hier komen.

Ik ben thuis de enige die in het begin een beetje Nederlands spreekt. Dus ben ik de hele dag de vertaler in huis.
Mijn kinderen gaan naar school en leren in no-time Nederlands. Ze doen het goed, maken vriendjes en gaan op voetbal. Zelf ben ik vrijwilliger bij de voetbalvereniging: gras maaien, kleedkamers schoonmaken, zand kruien. Ik leer de dorpsbewoners kennen: Arie, Joop, Jan. Als ze geen dialect praten kan ik het gesprek volgen. Ik leer van hen, zij leren van mij. Niet alle buitenlanders zijn lui, vreemd en willen niet integreren. Ongemerkt heb ik een voorbeeldfunctie. Vooroordelen verdwijnen.

Ik wil graag een toekomst opbouwen in Nederland. Weg van afhankelijkheid van de gemeente, weg uit de bijstand.

“Je oude beroep uitoefenen, griffier bij de rechtbank in jouw land, gaat je niet lukken in Nederland,” zegt mijn buurman. “Onze wetten en regels zijn totaal anders, daarbij zou je niet honderd procent Nederlands moeten kunnen spreken en schrijven, maar misschien wel honderdvijftig procent. Bovendien, je gaat richting de 40 jaar. Dus wat dan?”
“Mijn hobby is koken,” had ik de buurman verteld. Wonder boven wonder lukte het een stageplek te vinden in een restaurant. Dat ging heel goed. Leuke mensen, leuke gasten en veel geleerd. Tussendoor werd ik gevraagd te koken voor grote gezelschappen, vijftig tot tweehonderd man. Zodoende wist iedereen wie ik ben en wat ik kan. Zelfs meerdere malen werd er in de plaatselijke krant over mij geschreven.

Mijn buurman kwam via via in contact met Kees. Kees zocht een kok. Dat was iets makkelijker gezegd dan gedaan, want Nederlanders eten varkensvlees en ik ben moslim. Nederlandse mannen geven vrouwen een hand. Inmiddels had ik wel geleerd dat het niet-geven van een hand in de Nederlandse cultuur wordt gezien als belediging. Natuurlijk wil ik mensen niet beledigen, daarom geef ik man én vrouw een hand. Ook mijn vrouw heb ik zover gekregen.

Na een paar proefdagen krijg ik een écht arbeidscontract van 38 uur voor zeven maanden bij een prachtig restaurant in dorp, 15 km verderop. De baas blij, ik blij, mijn gezin iets minder, want vader is vaak weg. Maar vrouw en kinderen begrijpen dat ik zo een toekomst opbouw. En als hoofd van het gezin heb ik een voorbeeldfunctie.

In de horeca moet je een HACCP-certificaat hebben. Een wat? HACCP is simpel gezegd de hygiënecode voor de horeca. Ik dacht, dat moet kunnen, een digitale opleiding. Helaas is die alleen in het Nederlands en Engels verkrijgbaar. Zonder hulp van de buurman was het niet gelukt. Bijvoorbeeld de vraag: “Welke van onderstaande stellingen is juist?” Als je dan googelt op het woord ‘stellingen’, kom je uit bij IKEA. Hierdoor raak je gemakkelijk in de war.

Ook wilde ik graag de koksopleiding doen bij het Albeda College. Eén dag per week opleiding, vier of vijf dagen werken. Dat blijkt dus niet te kunnen. Je moet eerst een entree-opleiding doen van drie dagen school en twee dagen stage.”
“Maar dan kan ik dus niet werken?” vraag ik.
“Nee, dat kan niet.”
Nederland hangt van diploma’s en certificaten aan elkaar, maar tussen theorie en praktijk zit een wereld van verschil. Dus geen koksopleiding, want ik wil werken.

Ik wil werken, weg bij de gemeente

Samen met de buurman heb ik van tevoren een afspraak gemaakt met de gemeente. “Let op dat alles goed gaat!” waarschuwt de buurman. De ambtenaar vond deze opmerking maar vreemd.

En toen ging het fout.

Keurig werd het arbeidscontract naar de gemeente gestuurd. Als reactie kreeg ik niet een leuk briefje met “Gefeliciteerd, wat leuk voor u! Kunnen we u nog ergens mee helpen?” Nee, per direct werd de uitkering niet meer overgemaakt. Dat bleek een foutje te zijn, maar toch.

Ondanks dat er nog geen loon was ontvangen, werd zowel de huur als de CZ-premie niet meer betaald door de gemeente. Mede door het advies van mijn buurman moest ik er zelf achter komen. Geen briefje met de mededeling “Attentie, per volgende maand moet u zelf uw huur overmaken.”

Bij de eerste loonbetaling bleek er een fout te zijn gemaakt met de heffingskorting. Een fout van de werkgever, maar dit kun je pas volgend jaar herstellen bij de belastingaangifte. Dat betekent wel: netto minder inkomen. Hopen dat de gemeente hier rekening mee houdt…

Volgens de verordening mag iemand die gaat werken vanuit de bijstand 25% behouden met een maximum van € 207 gedurende zes maanden. In een telefonisch contact met de gemeente kreeg ik als antwoord: “Nee, want u zit net boven de bijstandsnorm.”
“Maar als u eerst die 25% van het inkomen eraf haalt, zit ik ónder de bijstandsnorm. Dus… kom ik in aanmerking voor zes keer € 207?”
Antwoord: “Nee, helaas zo werkt het bij ons niet.”

De eerste loonbetaling over drie weken heb ik aan de gemeente gemeld. De buurman had gewaarschuwd voor de ‘inlichtingenplicht.’ Dus ook wanneer men er niet om vraagt, moet je alle informatie geven die eventueel betrekking kan hebben op je bijstandsuitkering.

Toen de buurman een keer bij mij was, kwam er een brief van de gemeente. Hij zei: “Ja, ja daar komt ie, van harte gefeliciteerd met uw baan! Kunnen wij u ergens mee helpen?” Nee… het waren geen felicitaties, maar het was een brief voor mijn werkgever dat hij in aanmerking komt voor 30% loonkostensubsidie! Dat is wel heel beledigend. Ik werk voor het minimumloon, een paar tientjes boven de bijstandsnorm, en krijg geen cent extra, zelfs geen compliment. De werkgever krijgt 30% loonkostensubsidie, dat zijn duizenden euro’s!

Ik heb gebeld met de medewerker sociale zaken. Voicemail ingesproken. Tot heden geen telefonische reactie.

9 juli 2019. Tot heden geen telefonische reactie. De enige reactie is dat het vakantiegeld niet is uitgekeerd.

12 juli 2019, weer een brief van de gemeente. “Wij hebben besloten uw recht op bijstand per 1 april 2019 in te trekken. Wij maken er u op attent dat de huur en zorg vanaf 1 april niet meer door de gemeente wordt voldaan.” Drie maanden later!!! “Over uw schuld aan de gemeente van € 5.943.95 wordt u later geïnformeerd.”

Het vreemde is dat de brief is geschreven op 3 mei 2019, een maand later, en verstuurd op 4 juli 2019, wéér twee maanden later.

Verder heb ik geïnformeerd hoe het nu zit met die lening[1]. Daarop is afgelost en na drie jaar wordt toch een deel kwijtgescholden? Maar we moeten wél binnen zes weken in bezwaar, anders ga je automatisch akkoord.

Op 26 juli heb ik samen met mijn buurman de gemeente gebeld over de terugvordering van € 5.943,95. Hoe zit dat bedrag in elkaar? De gedane aflossingen? De kwijtschelding? Er is geen specificatie, ook niet via het digitale ‘Rofje’[2] waar wel de schuld vermeld staat, maar niet gespecificeerd.
De mevrouw kwam met een heel ingewikkeld verhaal over de drie onderdelen van de lening. Het ene deel moest wel terugbetaald worden, het andere moest nog berekend worden. Ook de buurman kon het allemaal niet meer volgen. Op de vraag: “Kunt u mij een specificatie sturen?” was het antwoord: “Dat is een andere afdeling.”
Om eventuele schade te voorkomen heeft de buurman maar een bezwaarschrift geschreven. Dat vind ik helemaal niks. Nederland, de gemeente, heeft mij goed geholpen en nu moet ik boos doen, omdat ik niet de juiste informatie krijg.

Het is 19 augustus 2019 als ik een reactie op het bezwaarschrift krijg. Mét specificatie van de terugvordering. De totale lening blijkt € 7.940,21 te zijn. Vreselijk ingewikkeld: eerste maandnorm € 1.333,91, fietsen € 1.120,00 en inrichting woning € 5.486,30. Voor deze laatste geldt kwijtschelding na 36 maanden bij voldoen van de aflossingsverplichting. Inmiddels blijkt er al 27 x € 73,25 afgelost te zijn, dus € 1.977,75. Dus nog 9 x €73,25 = € 659,25, en dus een kwijtschelding van € 2.849.30. Van de andere twee leningen moet in totaal nog € 2.453,91 terugbetaald worden. Totaal € 3.113,16, dat is dus de helft van de eerste vordering!

In het bezwaarschrift stond ook het verzoek om 25% vrijstelling[3] over de afgelopen zes maanden. Dit blijkt een wettelijke regel te zijn voor mensen die gaan werken. Maximum vrijstelling is dan ongeveer € 200 per maand, dus € 1.200 over zes maanden. Deze vraag was al telefonisch gesteld en het antwoord was: “Nee, u zit nét boven de bijstandsnorm.” Als ik het uitreken, zit ik misschien € 50 hoger dan mijn uitkering, dus ik verdien met 40-50-60 uur werken € 50. Als ze mij de vrijstelling wél hadden gegeven, had ik daarmee een groot deel van mijn lening kunnen aflossen.

Ik ben blij dat ik werk. Het is hoogseizoen en ik werk op moment zeven dagen per week in een keukentje waar de temperatuur kan oplopen naar 50 graden. Het gaat om de toekomst van mijn gezin, maar als ik dit van tevoren allemaal had geweten, had ik misschien beter ‘op de bank kunnen blijven liggen!’

5 september 2019. Spannend, ik moet een toets doen bij het Albeda College. Mijn buurman heeft dit voor elkaar gekregen, want het is natuurlijk belachelijk dat, wanneer je werkt, je geen koksopleiding zou kunnen doen. De bedoeling is één dag naar school vier tot vijf dagen werken. Resultaat: GESLAAGD voor de instaptoets! Nu werken én opleiding volgen… Of niet?
Volgens de mevrouw van school kan ik alleen op vrijdag naar school. “Op vrijdag? Dan moet ik werken. In de horeca werkt iedereen op vrijdag.” De buurman gaat er (alweer) achterheen, ik wil werken én de koksopleiding doen! Maar dat kan alleen op maandag of dinsdag. Dan is nog de vraag wat het kost en wie dat gaat betalen?? Ik begin hier toch wel moedeloos van te worden en volgens mij wordt mijn buurman dat ook. Maar hij zegt steeds: “Keep on smiling … komt goed!”

11 september 2019. De buurman komt koffiedrinken en heeft een verrassing. Hij heeft voor ons een week vakantie geregeld met kerst! Niet omdat de buurman zo rijk is, juist niet, maar buurman ‘durft te vragen.’ Onze jongste zoon van 5 jaar is namelijk zwaar geestelijk en lichamelijk gehandicapt. Dat is zeker voor mijn vrouw en ons gezin een zware last. Onze zoon kan niet praten, is niet zindelijk, weet niet wat ja en nee is, enzovoort. Hij gaat naar het speciaal onderwijs en op zaterdag naar de opvang. De buurman had gelezen dat er voor gezinnen met een gehandicapt kind een organisatie bestaat, ‘Bio-vakantie’ in Arnhem. Speciaal aangepast aan gehandicapte kinderen en het gezin. Geweldig. Met kerst gaan we een weekje weg. Mijn zoons en vrouw zijn ontzettend blij. Wij gaan normaal niet op vakantie omdat het duur is en omdat ik moet werken. Dank u wel buurman!

De volgende dag komt de buurman weer koffiedrinken. Hij heeft nieuws over de koksopleiding. Volgens mij is buurman boos op al die regeltjes in Nederland. De school in Rotterdam had gebeld en gezegd: “Het kan niet.” Ik kan niet werken én tegelijk de koksopleiding doen. De buurman zegt altijd: “Als ze nee zeggen, moet je het nog een keer proberen, zeggen ze weer nee, nog een keer.” De buurman had deze mevrouw gezegd dat hij het belachelijk vindt dat een statushouder die werkt geen opleiding kan volgen. Daar was die mevrouw het eigenlijk wel mee eens. Maar, ja de regeltjes… Ze gaan voor mij proberen of er toch iets mogelijk is. Ik ben heel blij met mijn buurman, als vluchteling begrijp je helemaal niets van al die regeltjes.

Wordt dus weer vervolgd!

O, ja. Buurman werd nog bozer. Er was een brief van de gemeente binnengekomen. Hierin is uitgelegd hoe je werk moet zoeken. Een lijst met tientallen vragen. Ik werk al zes maanden! De gemeente weet na drie jaar nog écht niet wie ik ben…

Weer een brief van de gemeente. Of ik op afspraak wil komen over te praten over mijn re-integratietraject naar werk. Ik had kunnen bellen om de afspraak af te zeggen, want ik werk nu al zeven maanden. Maar ik dacht: als ik gewoon ga, weten ze nu wél wie ik ben én ze hebben misschien in de gaten dat hun dossiers niet kloppen. Samen met mijn vrouw ging ik naar de afspraak. Een vriendelijke jongedame wilde mij uitleggen welk traject ze voor me hadden verzonnen. “Maar ik werk al zeven maanden en heb al zeven maanden geen uitkering meer.” De mevrouw schrok: “O, dat wist ik niet.” Na wat vriendelijke woorden en complimenten stonden we na vijf minuten weer buiten. Of het heeft geholpen weet ik niet, maar de ambtenaar kan nu wel een vinkje zetten… Dossier gesloten. Daar zullen ze wel punten mee scoren bij de manager…

Begin november 2019 kreeg ik een mail van de gemeente. Een mevrouw wil graag met mij in gesprek over hoe mijn ervaringen zijn met het vinden van werk met hulp van de gemeente. Hulp van de gemeente?

Samen met de buurman heb ik besproken wat ik moet vertellen. De waarheid? De buurman zegt altijd: “Hou ze te vriend, want ze hebben een hekel aan kritische burgers.” Hij weet dat als geen ander. Hij heeft vele jaren geprobeerd de manier van helpen, bejegening, logisch nadenken en dergelijke onder de aandacht te brengen. Zoals hij mij verteld heeft, is hem dat niet in dank afgenomen. In het Nederlands noemen ze dat geloof ik… klokkenluider??? Ik kijk wel hoe het gesprek verloopt. Ik moet wel in mijn achterhoofd houden dat ik de gemeente nodig heb voor onze gehandicapte zoon. “Beter met stroop, dan met azijn,” zegt de buurman altijd tegen mij. Als ik vertel dat het mij alleen gelukt is door motivatie en met hulp van de buurman en dat de gemeente niets heeft gedaan en zelfs problemen heeft veroorzaakt, vragen ze natuurlijk: “Hoe heet uw buurman?” Dan is de kans groot dat ze mij ook zien als ‘klokkenluider’. De afspraak is over veertien dagen, nog tijd genoeg om hier heel diep over na te denken…

Volledige titel van hoofdstuk 9 in het boek:
DE MAATSCHAPPIJ ZEGT TEGEN VLUCHTELINGEN: “WERKEN!!!” MAAR IN DE PRAKTIJK ZORGT DAT VOOR (FINANCIËLE) PROBLEMEN.

Foto’s van Hassan T. en Pexels via Pixabay

Noten:

[1] Statushouders krijgen een lening voor de inrichting van hun huis, aanschaf van fietsen en de eerste overbrugging van toeslagen, huur, eten en drinken.

[2] De officiële vertaling van ‘Rofje’ is: ‘rechtmatigheidsonderzoekformulier’. Dit formulier moet iedere maand schriftelijk of digitaal worden opgestuurd.

[3] Normaal wordt iedere euro die je verdient van de uitkering afgetrokken. Met de vrijstelling mag je gedurende 6 maanden 25% houden, tot een maximum van € 207. De hoofdpersoon komt niet in aanmerking omdat hij ongeveer € 50 boven de bijstandsnorm zit. Het gevolg daarvan is dat het voor hem financieel gezien geen zin heeft om te werken.

Uit het boek: MET DANK, DOOR MIJNOVERHEID BIJ DE VOEDSELBANK, Gerard Sangers.
Gerard is van mening dat basisinkomen een goede oplossing is om de problemen die hij in het boek schetst aan te pakken.
Zie hier voor meer informatie over het boek en voor de reeds gepubliceerde delen.
Zie ook de website Te gek voor woorden.

Copyright © 2021 Gerard Sangers
Niets uit deze tekst en het boek  mag worden verveelvoudigd, door middel van druk, fotokopieën, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.